Heils termen - pagina 63
53
Nieuwen Verbonds de Heere Christus zelf, niet slechts als een Ver(Lukas 13 34). losser, maar ook als een Teeken wordt voorgesteld We weten, en het zal ons later blijken, waarom door den discipel, :
Jezus liefhad, geheel de reeks zijner wonderen, met opzet, en ons geschetst wordt. schier uitsluitend in het karaktervan weten, dat de Heere zelf uitdrukkelijk het groote levensfeit zijner opstanding het Jona-Teeken genoemd heeft, dat aan Israël zou ge-
dien
Teekenen
We
weten hoe de Heere zelf van die Teekenen gezegd heeft: „Indien ik onder hen die werken niet gedaan had, ze hadden geen zonde, maar nu hebben ze beide mij en mijnen Vader verworpen." We weten, zoo uit de redenen des Heeren, als uit de apocalyptische vergezichten bij Paulus en Joannes, dat ook de Toekomst des Heeren ten gerichte door Te ekens zal worden voorafgegaan, en dat met name het „Teeken van den Zoon des menschen" in^ de wolken zal worden aanschouwd. Voeg daarbij, dat standvastig de sluiting des Verbonds met Noach, Abraham, Mozes en de gemeente des Zoons, door een Teeken van Godswege is bezegeld geworden, en men zal reeds daaruit met ons vermoeden, dat de „leer van de Teekenen" de grondslag is, waarop de „leer der Sacramenten" rusten moet, en allerminst het feit weerspreken kunnen, dat de beteekenis van het Teeken in geheel de Heilsopenbaring veel ernstiger en gewichtiger is, dan dusver door de gemeente is beseft. We kunnen dit thans slechts aanstippen, en pogen een volgend maal zoo menige vraag te beantwoorden, als dit verschijnsel der Teeo-even
worden.
kenen
We
onwillekeurig doet oprijzen.
Thans
slechts
Ook nu nog Ook nu nog
dit.
de Heere zijn Teekenen in de gemeente. geeft Hij zijn Teeken voor elk hart, waarin het geloof
stelt
doorbreekt.
„Indien Hij tot eiken Thomas, die spreekt der nagelen, zoo zal ik niet gelooven," het „Zalig zijn ze die niet gezien en nochtans zullen
Maar ook nu nog roept ik
niet
Woord
zie
:
het Teeken
der bestrafüng
:
geloofd hebben!"
IV.
HET MACHTIG EN MACHTELOOS WOORD. Een Teeken, dat wedersproken
zal
worden.
Luc. 2
:
34.
Eeeds zooveel bleek ons van het „Teeken," dat het een gewichtiger plaats in de Heilsopenbaring inneemt, dan de Gemeente zich dusver bewust werd, en dat het bij Abraham zoowel als bij Thomas de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's