De leer der Verbonden - pagina 74
64 overdrijvingen ontsierd is, maar ten slotte toch ongetwiifeld tot een veel klaarder en dieper opvatting heeft geleid van den organischen samenhang, die al de leidingen Gods met het schepsel en den zondaar aaneenschakelt. Nu spreekt het intusschen vanzelf, dat de oudste schrijvers uit de Hervormingsperiode, die voornamelijk met Kome en de Anabaptisten den strijd aanbonden, en de Socinianen nog ten deele lieten liggen, nog lang niet met die klaarheid en die breede opvatting zich over dit punt uitspreken, als de coryphaeën der 17e eeuw. Dat kon eenvoudig niet, omdat ze leefden, eer die periode van bijzondere leerontwikkeling aanbrak. En zoo moet het dan onbewimpeld toegegeven dat er én bij Calvyn én bij Zanchius én bij Ursinus én zelfs bij Pareus uitlatingen voorkomen, die twijfel aan hun rechtzinnigheid op 7 worden dit punt doen rijzen, of ook uitleggingen van Hosea 6 gegeven, die de beteekenis dezer Schriftplaats misverstaan; wel te weten in even denzelfden zin, waarin de oudste schrijvers van de kerke Christi soms te kort schijnen te doen aan de Avaarheid van de goddelijke natuur onzes Middelaars. En nu gebeurt dientengevolge ook te hunnen opzichte precies hetzelfde wat eertijds de Arianen met die oude patres deden, t. w. dat men ook thans zich op Calvyn en anderen beroept, om de waarheid van het Verbond der werken tegen te staan en te ondermijnen; het nu doende voorkomen, alsof men, door thans zelfs het Werkverbond te loochenen, nog niets anders deed, dan wat Calvyn zelf deed in zijn :
Maar zoomin de belijders der kerke Christi in oude dagen zich vervaard lieten maken door het Ariaansch beroep op vroegere vaderen, zoomin doet ook voor onze overtuiging dit verwijzen naar Calvyn en Zanchius iets ter wereld af. Want immers het is niet waar, dat men door het Werkverbond te loochenen niets anders doet dan wat ook Calvyn deed! Dat zou waar zijn, indien Calvyn het had verworpen. Maar dat deed Calvyn niet. Veeleer wordt het in al zijn geschriften ondersteld: zijn de elementen er voor bij hem alle aanwezig; en is de waarheid, die later in het Werkverbond tot een klaarder licht is gekomen, standvastig door hem beleden. Het eenige wat men met goed recht kan opmerken, is, dat Calvyn het Werkverbond niet zoo opzettelijk en uitgewerkt leert, als dit ons mogelijk is geworden, en dat eenvoudig, omdat ten tijde toen de groote Geneefsche hervormer leefde, de strijd over dit punt nog
eerst te
komen
stond.
daarentegen, die, nadat die strijd gestreden is en zijn vrucht afwierp, opzettelijk als bestrijders, loochenaars en verwerpers van het Werkverbond zijn opgetreden, doen heel iets anders. En wel één van deze beide; al naar gelang de oorzaak is, waaruit hun loochening en verwerping voortkomt; zij verwerpen namelijk het Werkverbond óf Zij
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's