Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Heils termen - pagina 173

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Heils termen - pagina 173

2 minuten leestijd

I.

HET HOOGSTE GOED. God

is liefde.

1

Joh. IV

:

8.

In de kennisse Gods alleen is de zaligheid der ziel die gelooft. Dat Oneindige, dat Eeuwige, dat Onbegrijpelijke, dat bij het uitspreken van dien korten klank „God" voor de gedachten onzer ziel opklimt, is alleen al onze prijs en eerbiediging, al onzen lof en bewondering waard. Er is niets buiten dien God, dat aan eenig woord of eenig doen van menschen ook maar een schijn van waarde zou kunnen bijzetten. Alleen Hij en wat Zijns is houdt stand, blijft eeuwig en kan dus een eeuwig stempel opdrukken. Dus leidt alle weg van de kennisse af, die naar Hem niet toeleidt. De kennisse van onzen God alleen is geen leege vorm, geen afgetrokkenheid, maar een ken nisse met rijken inhoud, en kennisse met leven doortinteld, ja een kennisse die het leven zelf is. Iets, al was het ook slechts het vluchtig deel van een enkelen lichtstraal, op te vangen, die uit die Bron van eeuwig Licht geweld is, en dat stukske der heiligste kennisse zegenend en begenadigend, heiligend en vertroostend in de plooien van ons hart te voelen glijden, dat is, voor wie zijn God en Christus liefheeft, volop verkwikt, onder de toedekking Zijner vleugelen gekoesterd te worden en in de eeuwige diepten der ziel, waar men onder den tijd is weggezonken, werkelijk zalig te zijn. Of iets die kennisse Gods van onze ziele weert of ons doet toevloeien, geldt dus als eenige keur, die, althans op de erve van Jezus* gemeente, over deugdelijkheid of verwerpelijkheid beslist. Geen zienswijs, geen richting, geen strooming in de gemeente mag bestreden worden dan uit vaste overtuiging, dat ze ons de kennisse Gods verbergt. Geen prediker in het ambt mag veroordeeld worden, dan bij de droeve zielservaring, dat de voedende, genezende, zielverheftende kennisse Gods door zijn arbeid eer tegengehouden dan vermeerderd wordt. Geen strijd is op het heilig terrein der kerk gewettigd, dan die het wegnemen der beletselen voor het toestroomen van de kenslechts drie voorbeelden te nemen. Dan eerst nisse Gods bedoelt. wordt de strijd tegen de loochening van het wonder ernstig en onverwinlijk, als het besef in de gemeente veld wint, dat de erkenning van het wonder met de aanbidding van God één is, en loochening van het wonder in volstrekte afsluiting van alle kennisse Gods ein-

Om

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's

Heils termen - pagina 173

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's