Een midden-eeuwer in onze dagen - pagina 47
geperst
vindend,
oneerlijkheid
tot
en
bedrog,
waartoe
fouten
meer dan de andere beroepen, pleegt te verleiden. Hoe durft men zich verbazen, zoo de Jood aan wetten, die hem ternauwernood het leven gunnen, alleen dan zich gebonden acht, wanneer hij ze niet ongestraft kan overtreden ? Hoe kan vati hem geêischt worden vrijwillige gehoorzaamheid en liefde tot den Staat, waarin hij juist in dezelfde mate wordt geduld als hij bij machte is belastingen te betalen ? Hoe heeft men zich over den haat te verbazen van een volk, aan hetwelk men zoo handel,
buitendien
gevoelige bewijzen van den zijnen schenkt-
zoo
en
overvloedige
Hoe kan men er deugd van verwachten, zoo men het deugd ontzegt? Hoe kan men menschen misslagen verwijten, die men hen dwingt te begaan, daar men hun het uitoefenen van elk beroep verbiedt, door
eerlijk
om
laat te
allerlei
belastingen knevelt en niets
voor de opvoeding en de zedelijke vorming hunner kinderen
zorgen
?
Alles
wat
staatkundigen toestand
den Joden waarin
zij
wordt verweten
is
door den
thans verkeeren, veroorzaakt en
menschenras in juist dezelfde omstandigheden geplaatst» zou zich juist aan dezelfde vergrijpen schuldig maken want die overeenkomende eigendommelijkheden in denkwijze, gevoelens en hartstochten welke men aantreft bij het grootste deel der individuen van eenige natie en die men hun bepaald karakter noemt, zij zijn niet de onderscheidende en onveranderlijke eigenschappen van eene elk ander
;
bepaalde
variëteit
onze dagen
van
der menschelijke natuur; maar, zooals
duidelijk
hemelstreek,
heeft
men
in
leeren inzien, ten deele de gevolgen
voedingswijze,
in
hoofdzaak
evenwel
van den
staatkundigen toestand waarin een volk verkeert. Verschilt derhalve
Jood van den Duitschen, dan heeft men dit voor een gevolg van de fysieke omstandigheden aan te zien, Wordt hij echter in Krakau als in Cadix van handelsoneerlijkheid beticht, dan moet dit een gevolg zijn van denzelfden druk, dien hij aan de De beschuldiging, verwijderdste uiteinden van Europa ervaart. dat de tegenwoordig levende Joden met even zoo dweependen de
Aziatische
haat
tegen de Christenen bezield
zijn als
hunne voorvaderen een
1800 jaar terug, verdient nauwelijks ernstige weerlegging. Alleen in het tijdperk der barbaarschheid kon men van de verste na-
komelingen
in
Frankrijk
en Duitschland nog rekenschap vragen
voor eene misdaad, eens zoo vele eeuwen geleden aan de Aziatische kust van de Middellandsche zee begaan. Ongetwijfeld is de onsociale tegenzin
43
der
beide
religieuse
groepen met gemeenschappelijken
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 76 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 76 Pagina's