Dat de genade particulier is - pagina 263
253 «
van achteren
te
mogen ontdekken,
dat zelfs uit het korps predikanten
nu
reeds zeer verre over de honderd weer op het vaste fundament onzer Drie Formulieren positie hebben gekozen, om de universalistische vaagheden in de heilsleer weer tegen de goddelijke zekerheden van Gods genaderaad uit te ruilen; te mogen waarnemen, hoe de invloed van ons blad, na een oogenblik deinens, veeleer weer klom en won, dan daalde of inzonk; te mogen bespeuren, hoe allerwegen in het land de kern en het pit der gemeente God den Heere weer met losgemaakte tong looft en prijst over het terugvinden der geestelijke schatten van onze vaderen; ja te mogen zien, hoe zich in elke stad en elke groep van vlekken een kring van mannen vormt, die ook de koorden van de beurs losmaakt en zich aaneensluit en weer hope durft koesteren op de wederopenbaring onzer begravene en vergetene kerk; zeg zelf, lezer, moet dit niet als een wonder in onze oogen zijn, en is niet, veel vroeger en veel krachtiger dan we dorsten of konden hopen, onze zeer ernstige bezorgdheid beschaamd?
—
En we
toch, hoe
of vestigen
noog we die winste ook aanslaan, niet daarop bouwen we onze hoop voor de toekomst. Want het moet toe-
kan in dezen tuchteloozen tijd zeer licht weer een storm hoek komen opzetten, die tijdelijk althans de richting van den stroom zwenken doet. En het is daarom dat we ons haasten meer nog dan op die numerieke winste, den nadruk op een geestelijk goed te leggen, dat ons onder het week aan week bewerken van dit gestemd,
er
uit een anderen
uitvoerig pleidooi gewierd. En dat geestelijk goed bestond daarin, dat elk dieper onderzoek, elke nadere toetsing aan de Heilige Schrift, elk nauwkeuriger in verband brengen met de geestelijke werkingen om ons heen, en bovenal ook elk ernstig nagaan van wat Gods leiding
met de geesten in
de
historie
vaster in deze heilige belijdenis
was geweest, ons steeds inniger eu van Gods particuliere genade in deed
groeien.
onderzoekende en toetsende hebben we in geen enkel opzicht ook maar van deze volheerlijke belijdenis voor ons geestesoog zien verzwakken of waggelen, maar aldoor onze overtuiging vaster en bezielder voelen worden. Nu van achteren spreken we die hoogemstige woorden: dat de genade pcrticulier is, met driemaal vastere overtuiging uit, dan toen we begonnen te schrijven. En om het in één woord alles saam te vatten, toen Ave onze artikelen begonnen, rees ons soms nog een aarzeling in de ziel op, of we Gods heerlijkheid niet tegen de particuliere genade zouden te verdedigen hebben, terwijl we nu van achteren gezien en getast en gepeild hebben, hoe het juist door de belijdenis der particuliere genade is, dat de prijs zijner heer-
Al
iets
lijkheid en de oneindige volheid zijner goddelijke gunste zich ontdekt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's