Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De leer der Verbonden - pagina 38

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De leer der Verbonden - pagina 38

3 minuten leestijd

28 vorst u toestaat zijn wapenschild te voeren. Onder mensclien is het aannemen van een kind en dus het toestaan om uw naam te voeren, het hoogste blijk van genegenheid. Maar hier is het de Koning der

koningen

goden God in

zijn heilige majesteit, die aan een eens bestaat en nog in het leven moet treden, de heilige eere en het zalige wezen toebeschikt, om drager te mogen zijn van zijn eigen beeld en gevormd te worden naar zijn majestueuse

„niet"

en

dat

aller

nog

niet

gelijkenis. '5

Menschen streven

is juist,

om,

wat

te

veel op ons zelf gelijken

Niets onaangenamer voor een invloedrijk man, -dan dat er in zijn nabijheid een even invloedrijke zich vestigen komt. Men duiut het euvel als een ander zijn wil als wij. Dat is de nijd. Dat is de vrees van zijn hoogheid te moeten deelen met een ander. De zucht om alleen groot en hoog en gevierd en aangebeden te zijn. Concurrentie is een doodelijk zaad in 't arglistig hart van den zou,

te

vernietigen.

mensch.

En

een God, die, door niets er toe genoopt, uit louter wezens verordineert en schept, die naar zijn beeld en gelijkenisse zullen zijn; eens dragers van zijn heerlijkheid; en der -Goddelijke natuur deelachtig. Oneindig rijker dus, dan men gemeenlijk waant, is de overstelpende lertierenheid en gunst en liefde Gods, die zich reeds in dat ons schenken van „zijn beeld en zijn gelijkenisse" uitspreekt. Al wat achter het Lam al jubelend uitgaat: „Als koningen gekroond en vrij !" is in den diepsten grond van die Goddelijke scheppingsliefde de koszie

hier

welbehagen

telijke,

de geheiligde bloesem.

Maar toch dit is nog slechts het ééne deel van die goedertierenheid Gods in zijn scheppen van het menschelijk schepsel. Het andere deel, schier nog sterker sprekende, is, dat de Heere onze God met den mensch spreken komt „als een man met zijn broeder.'' Na den val in zonde wordt dit van Mozes, als bij uitzondering bericht. Zie Exod. 33 11. Maar de verschijning aan Abraham onder de eikenbosscheii van Mamré toont, dat dit spreken „als een man met zijn broeder", :

grondgedachte der Openbaring is. Dat bakken van koeken en onder de schaduw van het geboomte, moge op ons een indruk maken, dat het bijna ongoddelijk wordt; toch zijn ook die trekken in de Openbaring wezenlijk, en toonen welsprekender dan ons betoog het kan, hoe oneindig, en, we zouden haast zeggen, bijna ontzettend ver. God de Heere dat „zich nederbuigen tot zijn schepsel" en dat „spreken als van een man tot zijn broeder" heeft uitgestrekt. Abraham met den Heilige om Sodom worstelend, wordt dan ook een „vriend des Allerhoogsten" genaamd (Jac. 2 23). Vóór den val in zonde nu bestond als regel, wat later in de heilsopenbaring slechts van lieverlee terugkwam. Ook in het paradijs gaat de Heere dus met den mensch „als een man met zijn broeder" om. de

nederzitten

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's

De leer der Verbonden - pagina 38

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's