Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 261

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 261

3 minuten leestijd

!

!

!

251 werkelijkheid o;eworden in het En toch ook weer te weinig

persoonlijk één zijn

met den Heere.

in den Christus, die tot Bethlehems kribbe kwam, de volheid der gave en der heerlijkheid te bezitten, door de profetie • des Heiligen Geestes ons toegezegd, wat zijn de behoeften van diens hart klein en ondiep, wat is hij met weinig tevreden, wat spreekt de dorst naar koninklijke heerlijkheid, de stille eerzucht naar de kroon en de palmen en de witte kleederen en de gouden harpen in hem flauw! Voeg er bij Wat las hij de profetieën vluchtig en onopmerkzaam. Die schitterende godsspraken, als in het eeuwig licht gedoopt met haar meer dan aardsche tinten, met haar toezegging van vol en rijk en stoorloos heil Een Koning is u toegezegd, die over alle natiën en volken heerschen zal, zittend op den troon zijner heerschappij, alle vijand, alle wederpartij der onderworpen aan zijn voeten! Een Koning, door wiens scepter de bergen van vrede druipen zullen, de heuvelen dragers zijn van het heiligst recht, bezworen alle twist en nijd, lam en leeuw te zamen weidend, het zoogkind spelend met een adderenhol. Het einde zou Hij u brengen van alle moeite en verdriet, van alle smart en weedom der ziele, van uw oog de laatste traan door zijn

Want wie meent

reeds

al

:

teedere liefde

Om Hem

worden afgewischt.

zou de stroom des levens ruischen, ontspringen waar Hij den voet zette een fontein van heil en heerlijkheid. Geen nacht zou er meer zijn, want zon noch maan zou meer schijnen, maar Hij zelf, het Lam, aller licht en aller glans zijn. Koningskinderen zou Hij u noemen, tot priesters u wijdend, tot koningen u zalvend, u met zich plaatsend op zijnen troon en u reikende al de schatten en al de weelde, waarin de goddelijke macht des Scheppers zich uitputte. Zelf volheerlijk, zou Hij u volzalig maken. En dat acht ge in Bethlehem vervuld? Die heerlijke tonen der godsspraak kennend, legt ge u bij Bethlehems kribbe neder, alsof dat het al, dat de wezenlijke volheid ware? Zeg ons, is het niet een teeken van krankheid, door den voorsmaak reeds verzadigd te zijn? Bij Bethlehem rusten, is het niet het Maranatha bij den wortel afsnijden? Wat meent ge, dat Paulus, dat een Petrus van zulk een voldaan Christendom zouden geoordeeld hebben, zij die, ook nadat hun Heere opvoer, worstelden, dag en nacht, om in de kennisse van den Heiland toe te nemen, en het oog nooit van den gezichteinder af hadden, om te turen, te staren, of het eerste morgenrood van den grooten en doorluchtigen dag nog niet kwam Men spele toch niet met het slotwoord aan het Kruis, dat onmiddellijk aan den stervenskreet voorafging.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 261

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's