Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De leer der Verbonden - pagina 47

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De leer der Verbonden - pagina 47

3 minuten leestijd

37 €ig:eiilijke

grondwevker, óók in mijn wezen, ben niet

ik,

maar

is

Hij.

Hij alleen. Hij volstrektelijk.

Maar, en ziehier een tweede opmerking, die even ernstig dient overwogen: God de Heere werkt dit alles in ons als menschen. Er zijn ook andere schepsels, waarin God werkt. Yan een plant is even precies waar, wat van óns geldt, dat er geen vezeltje, geen druppel sap aan en in die plant werken kan, of God de Heere werkt dat en draagt het van oogenblik tot oogenblik. Geen insect zoo klein en verachtelijk, of we hebben er hetzelfde van te belijden. Zelfs van een steen en van het stof der aarde gaat geheel hetzelfde door. En niets is bedenkelijker, dan dat men te kwader ure nu uit een steen of blad concludeert tot den mensch. Bij wijze van vergelijking mag en moet dat. Daar gaat de Schrift zelf ons in voor. Maar wierd dit van een vergelijking een gelijkstelling, dan zou hiermee aan de waarheid en de eere Gods te kort zijn gedaan; want God schiep heel iets anders, toen Hij een mensch maakte dan toen Hij het groene kruid deed opschieten uit de aarde. Ook voor ons moet dus een mensch heel iets anders dan een plant of steen zijn. We mogen een mensch niet anders nemen dan zooals God hem voor ons geplaatst heeft, en al het M'erken Gods in ons moet dus beleden en begrepen worden als een werken Gods in den mensch. Niet, men versta dit wel, bij manier van deeling, zooals men dan zegt „o, Ja, God doet veel, zeer veel, bijna alles, maar iets moet er dan toch voor den mensch overblijven." Dat zeggen klinkt in onze ooren als zeer goddelooze taal, waar we met alle kracht tegen opkomen. Dat nooit. Al wilde men negenhonderd negen en negentig deelen aan God laten en slechts één duizendste deeltje voor den mensch in reserve houden, dan nog zou de eere Gods al te goddelooslijk geschonden zijn. Niet één enkele zandkorrel van al het strand der zee moogt ge aan uw God onttrekken, of ge hebt vermetellij k uw God :

onttroond.

werkt God dus bij u; alles zonder eenig voorbehoud; maar werkt Hij in eet' mensch, en dus naar den aard en naar de bestaansvvijze die Hij zelf voor dat menschelijk wezen verordend heeft. En overmits het God den Heere nu beliefd heeft, den mensch aldus te scheppen, dat hij een wezen zou zijn met bewustzijn, met een wil (vrij of gebonden), met aandrift, met een poorte in het hart, toegang gevende tot de wereld der onzichtbare dingen, zoo volgt hieruit, dat de werking Gods in ons ('tzij bloot stoÜelijk, 'tzij naar het redelicht, 'tzij zaligmakend) dan eerst komt tot haar doel, als die werking indringt in ons biwustzijn, door onzen wil henengaat, in aandrift ons eigen ik meê opvoert, en doorgluurd wordt tot in zijn einddoel, om eere te geven aan Hem, uit wien die werking kwam. En ook dit geldt niet slechts van een iets, van een deel, van een brokstuk van Gods werking in ons, maar moet doorgaan van alhs Alles

dit

alles

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's

De leer der Verbonden - pagina 47

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's