Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 225

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 225

3 minuten leestijd

2L5 onder onze lezers heeft het volste recht, te dien opzichte zijn persoongezag- tegenover dat van den vermaarden geleerde in de schaal te leggen. Als een geleerde uit de rijen der Tyndalls ons verhaalt wat hij in de natuur heeft waargenomen, hoe, onder wat verhouding, hij het waarnam en op wat wijs hij acht dat de verschijnselen in verband staan, dan luisteren we met eerbied en buigen we voor onzen meerdere. Maar waagt hij zich op een terrein, dat het zijne niet is, vermeet hij zich de beteekenis der Christelijke Kerk te beoordeelen en veroorlooft hij zich tegenspraak van wat Gods Woord ons zegt, dan is zijn woord ons als niet geschreven en gaan we onzes weegs. Het recht hiertoe geeft Prof. Tyndall ons zelf. Immers aan zijn eerste voegt hij nog een tweede deel toe, waarin hij, gelijk men zien zal, erkent dat er buiten het natuurlijke nog een geestelijk gebied bestaat, waarover de natuurkundige niets te zeggen heeft, waarover hij zich geen oordeel mag aanmatigen en dat behoeften openbaart, die hij allerminst kan bevredigen. Hieruit volgt tweeërlei. Vooreerst, dat de hoogleeraar Tyndall ons zelf uitnoodigt alle waarde te ontzeggen aan de dogmatiek, die hij op natuurkundige gegevens zocht te bouwen, en ten tweede, dat door zijn optreden het tijdperk gesloten is, waarin de heele en halve natuurkundigen zich als leermeesters der menschenwereld opwierpen. Dusver was men gewoon bij het bespreken van de natuurlijke Godskennis uitsluitend op het oude heidendom te wijzen. Dat beroep, telkens herhaald, verloor zijn kracht. Aangrijpender en overtuigender is het, indien we het bew^ijs, tot dusver door de afgodendienaars van vroeger eeuwen geleverd, aan een wetenschappelijk man uit onzen tijd, aan een geleerde als Prof. Tyndall kunnen ontleenen. En metterdaad, de drie stukken van het bewijs zijn, gelijk men zien zal, in zijn redevoering volledig aanwijsbaar. Zoolang de notuuromlerzoe'ker zich op eigen terrein houdt, gaat hij met vasten tred. Waar hij als mensen wil optreden, laat de natuur hem in den steek. Elke poging, om een gedachtenwereld voor zijn menschelijke persoonlijkheid uit de verschijnselen der natuur af te leiden, mislukt geheel en al. Het onderscheid tusschen Professor Tyndall en zijn voorgangers ligt Jiierin, dat, terwijl de pedanterie der natuurkundigen tot dusver aan het zedelijk en godsdienstig leven elke zelfstandige beteekenis ontnam, daardoor met de Christelijke godgeleerdheid in strijd geraakte en haar zocht te verdringen, de hoogleeraar Tyndall voor het natuurkundig onderzoek volstrekte vrijheid verovert door de scheiding tusschen Kerk en Staat ook op dit terrein over te brengen en in te zien, dat een natuuronderzoeker in een andere wereld overgaat en iets anders wordt, zoodra hij passer en weegschaal ter zijde legt en luistert naar de tonen lijk

van

zijn hart.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 225

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's