Heils termen - pagina 273
I.
TOT" OF „IN" DEN
NAAM?
Gaat henen, onderwijst alle volken, ze doopende in den naam des Vaders en des Zoons en des H. Geestes, leerende hen onderhouden al wat Ik u geboden heb. Matth. 28
We
stellen
ons
:
19.
voor, in een viertal artikelen de verklaring te be-
door onzen Heiland zijn jongeren toegeroepen, toen Hij het heerlijk woord sprak, dat we uit het slot van Mattheüs' Evangelie aan het hoofd van dit opstel schreven. Yoor zoover de beteekenis dezer woorden in onze kerkelijke geschillen betrokken was, hebben we ter plaatse, waar zulks behoorde, het goed recht der gemeente bepleit, om tegen het prijsgeven van
proeven van het
laatst vaarwel,
haar heilige Doopsformule aan clericalistische willekeur, met ernst en beslistheid pal te staan.
Maar
bleek het ons een wetenschappelijke pedanterie, kerkeraadsleden en gemeente met een beroep op den Griekschen grondtekst in een zuiver kerkelijk vraagstuk te willen overbluften, we kunnen toch niet ontveinzen, dat de nauwe samenhang tusschen onze üoopsformule en het slotwoord uit Mattheüs' Evangelie ook de meening der gemeente te zeer beheerscht, dan dat een ietwat omstandige verklaring van 's Heeren laatste openbaring weelde zou zijn te achten. We beginnen daarom opzettelijk met de hoogst gewichtige vraag, of naar het Grieksche taal eigen, op wetenschappelijke gronden mag beweerd worden, dat de vertaling „in den naarn'''' voortaan voor die van „TOT den naam'''' behoort te wijken. Men heeft dit zoo driest en stout van rationalistische en moderne beweerd, men heeft dit met zulk een vertoon van wetenschappezij en in kerkeraadsvergaderingen en lijke verzekerdheid uitgebazuind, dagbladen met zulk een spottende minachting voor anderer tegenspraak, als een onomstootelijk resultaat van grondige uitlegkunde dit beweren volgehouden, dat elk recht verstand van Jezus' woord belemmerd en beneveld blijft, zoolang deze schromelijke misgreep niet openlijk aan het licht gebracht en ten toon gesteld is. We moeten onze lezers daartoe verzoeken, zich een enkel kort Grieksch woordeke in het geheugen te willen prenten, het kleine Immers over dit woordeke loopt al het geschil. voorzetsel eis. al
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's