Practijk der godzaligheid - pagina 171
163 eenparig zoo kloek en kras en onverzettelijk in de Eoomschen, in de Socinianen, in de Anabaptisten en in de Geestdrijvers bestreden is. Kalme, historische studie is al wat we behoeven, om op onverwinhet goed recht onzer zaak weer aan het licht te doen komen, niet onder de oudere, dan toch onder de jongere broederen vooroordeel te doen wegvallen, dat nog in zoo menigen kring
lijke wijs
en zoo alle
al
tegen de ongekreukte belijdenis der onverwaterde Waarheid bestaat.
dat er in Engeland kringen zijn, waarin men uit valsch legitimisme reeds zóó ver verliep, dat de Hervorming er een „schanddaad" wordt genoemd door predikanten eener gerefor-
Wel weten we
zeer goed,
meerde kerk; wel weten we, dat door enkele Irvingianen ook hier te lande de „fatale Kerkhervorming" reeds betreurd is, als een gewelddadig feit dat alles bedierf; en wel mogen we niet verhelen, dat soms* ook in irenische kriügen een stem door ons beluisterd is, die zich afvroeg: „of onze Hervormers toch wel goed deden door de Eoomsche organisatie af te snijden?" Maar vreemdeling zou in ons land moeten zijn, wie beweren dorst, dat zulke onteerende en schandelijke opiniën reeds in wij deren kring ingang vonden.
Ér ligt een historie achter ons. Uit die historie roept en schreit nog aldoor een stem die als uit het bloed onzer martelaren ons bezweert, om toch trouw aan der vaderen belijdenis te blijven. En hoe we ook kerkelijk gedeeld en theologisch gesplitst mogen staan, tegen den doordringenden weemoed van die stem der martelaren is toch geen onzer nog bestand. Waar die vernomen wordt, smelt nog aller hart saam, en, eer we er op verdacht zijn, is weer het heilig enthousiasme voor de Souvereine Genade in ons ontwaakt. Daar danken we den Heere onzen God voor. Veeg zou het met ons lieve vaderland komen te staan, indien dit ooit anders werd, en wat er energieks, wat er duurzaams onder ons volk deze vijftig jaren tot stand kwam, het is meest door den heiligen ^
adem van
die historische aandrift bezield.
Intusschen komen onze irenische vrienden, huns ondanks, door dit loven der „gezegende" Kerkhervorming in zeer scheeve positie, in hoogst gewrongen verhouding, en in rechtstreeksche weerspraak met hun synodale bezweringen. Moeilijk toch kan door hen ontkend, dat er wel eenige analogie bestaat tusschen hetgeen toen gebeurd is, en nu gebeuren gaat. Voor overdrijving hopen we hierbiij op onze hoede te zijn; een gebeurtenis als van de Kerkreformatie laat zich niet copieeren; en het was stellig overspanning in de kerken der scheiding, toen ze voor een halve eeuw in onderscheidene landen van ontzaglijke
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's