Practijk der godzaligheid - pagina 122
114 grooter, meerder zijn dan hun kindenoch ook omdat ze ze lief behandelen. De grond van gehoorzaamheid ook van kinderen aan hun ouders ligt uitsluitend in de majesteit Gods. Het kind heeft zijn God te gehoorzamen. Absoluut te gehoorzamen, omdat God zijn God en Schepper en Heer is. En de ouders zijn alsnu gesteld, om tegenover het kind dat gezag Gods te
beid eischen omdat ze sterker, ren,
representeeren.
kinderen moet dus niet maar gestraft, omdat noch ook omdat het de kinderen bederft, maar vóór alle dingen en principaallij k, overmits alle ongehoorzaamheid bij het kind verzet tegen het gezag Gods is. Dit is dan ook de reden en wel de principale reden, waarom ouders gehouden zijn hun kindereu te kastijden en te tuchtigen en te dwingen tot gehoorzaamheid. Ook al schreit hun eigen hart er bij, dat ze door eigen zonde het kind verzwakt ja, ook al voelen ze, hebben, dit alles kan noch zal hen ooit ontslaan van de pijnlijke, maar onafwijsbare verplichting, om door te tasten en het gezag hoog
Ongehoorzaamheid
het zoo hinderlijk
te
bij
is,
houden.
Onze
burgerlijke wetgeving zet hier het zegel op,
door ouders het
geven om hun kinderen desnoods in den kerker te doen plaatsen. Want, weet wel, al is een moeder, een weduwe, nog zoo zwak en haar zoon nog zoo sterk, toch blijft die moeder de „gebiedster in Gods naam", en die reus van een kerel tot stille gehoorzaamheid van Godswege gehouden. Men mag niet vragen: „Zou het er niet mee door kunnen?" Men mag niet zeggen: „Och, alle kinderen zijn tegenwoordig zoo." Men mag niet denken: „Ik maak liever geen onaangenaamheden." Een politieagent vindt het soms ook lang niet prettig om op straat een ruwen woesten persoon aan te pakken en met hem te worstelen. Maar hij doet het, omdat hij anders wordt afgezet, ook al vindt hij het nog zoo onaangenaam. En zoo nu ook zijt ge als ouders verplicht de eere Gods op te houden, ook al berokkent het u nog zooveel droefs en stuitends. Het is niet uw belang, maar Gods eere die op het spel staat. En daarom is alle toegeven zonde. Hiermee is natuurlijk niet gezegd, dat er geen wijsheid, geen beleid, geen teeder rechtsgevoel, geen oog voor verzachtende omstandigheden zou moeten wezen. Dat alles geldt bij den rechter ook. Maar, en hier mogen we niet van af gaan, het recht moet ook bij het kind zijn loop hebben. Gehoorzamen moet het. Goedschiks dan goedschiks. Maar kan het niet anders, dan met straf. Slechts binden we één ding u hierbij ten ernstigste op het hart. En dat is, laat uw kind altoos merken kunnen, dat ge niet straft om eigen toorn, maar toornend om de eere Gods; met eigen schuldbesef en droefheid in de ziel. recht
te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's