Het heil in ons - pagina 173
163
Wel dintr
mag-
bewust
staande
hij
te
kennis,
voor
God en menschen
verklaren: destijds zich geen geweest en naar de toen hem ten dienste oprecht en met ongeveinsde geestdrift gesproken te zijn
hebben.
Maar ook
moet vastgehouden aan het „indien mijn hart mij daarom ben ik nog niet onschuldig, want God is meerder dan mijn hart, en Hij weet alle dingen!" En zoo sta dan hier het ,,dixi et salvavi aniniam!''' ter aanduiding niet
dat
hiei*
veroordeelt,
deze
artikelenreeks niet slechts een
maar ook een daad bedoelt van het
woord der lippen
hart.
zijn
wilde,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's