Honig uit den rotssteen - pagina 200
!
186
omdat Hij ding
alleen
aller
dingen
Beginner
is,
ook alleen macht heeft
voleinden. Het geslacht dat zulk een geloof, zulk een eeuwigheidsgevoel mdst, leeft snel, arbeidt in koortsachtige gejaagdheid, en toovert in enkele jaren halve steden uit den grond, maar van huizen wier wand ge met een wat forsche vuist inbuigt; terwijl het geslacht dat zulk een inleven in het werk Gods kende, monumenten wist te stichten, die de eeuwen verduurden, en wier lof en roem niet voor de aardsche bouwlieden was, maar voor den oppersten Kunstenaar in de hemelen. Een zondaar buiten dat heerlijk geloof, wandelt op de tinne van alle
zijn
dat
dak ik
te
en
in
roept
gebouwd heb?
hoovaardij
—
Is dit niet het trotsche Babyion
:
terwijl de zondaar,
die in dat zalig geloof
geen uitkomst vraagt, maar stil in den dienst van zijn God voortarbeidt, en zoo bij zijn arbeiden voor zijn huis als voor zijn vaderland, zoo bij zijn ijveren voor de school als voor de kerk van Christus, altijd weer kracht en troost put uit de bede, die reeds David op de lippen nam „Heere, niet mijn werk, maar uw werk !" laat niet varen de werken uwer handen staan
mag,
naar
:
LXIV. l)it b0ïi! 5egt: l^t tijb i^ niet
gcftamen!
Dit volk zegt: de tijd is niet gekomen, de dat des Heeren huis gebouwd worde! Is het voor ulieden wel de'tijd, dat gij woont in uwe gewelfde huizen, en zal dit huis
tijd
woest zijn
Haggaï
?
1
:
2, 4.
Zie toch toe, dat ge uw ziele niet misleidt en niet misleid wordt door de schijnbaar vrome taal van anderen. Jeruzalem ligt in puin en woest het huis des Heeren, en smaart kleeft zijn naam aan, en zijn heilig Boek, dat hij uit teeder erbarmen aan zijn dolende kinderen schonk, wordt geminacht en vertreden. Ja zoover gaat de verachtelijkheid die het heilige Gods natrekt, dat er haast niet één onder zijn kinderen is, of er was een tijd dat ook in zijn ziel het ij vervuur van een Elia ontgloeide, en hij om zich zag, of er niet waren die met hem opstonden, om wrake te doen over den smaad aan Gods huis.
Maar
dat vuur
Gebluscht
door
is
gebluscht.
de
vroede
taal
der
dat onheilig vuur toch te weren van
wijzen, die
Gods
altaar
;
hem aanmaanden hem aanrieden,
die
van eigen kracht toch af te laten, om enkel maar te zien op het werk des Heeren; en die, als ook zoo het ijvervuur in hem nog von-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's