Dat de genade particulier is - pagina 88
:
78 uitbreken
eerst
„over de eilanden" het licht des Heeren op zou
als
gaan.
eenvoudige feit nu ontstaat een zekere afstand. een afstand tusschen het ééne geslacht en het andere; en meer nog een afstand tusschen het voorwerpelijke heil dat Jezus in zijn zelfofferande volbracht heeft, en de personen der enkele geloovigen, die uit dit voorwerpelijk heil als uit de „geopende Fortein"
Door
dit
Vooreerst
zullen drinken.
Waar nu een punt een
ter
weg
andere vormt,
is, heeft men een punt ter eenre en een en tusschen deze beide ligt een ruimte, die doorloopen moet worden, om van het ééne tot
afstand zijde,
die
het andere punt te
komen.
En nu weten we
zeer goed, dat er in dezen „weg des heils" nog meerdere punten of stations zijn; ook dat deze weg nog vele kronkelingen en bochten doorloopt nci de bekeering; maar wijl voor helderheid afsnijding van al het overbodige eisch is, laten we al dat overige ditmaal varen en bepalen ons alsnu uitsluitend tot deze twee punten het voorwerpelijk genadestuk dat Jezus volbracht heeft op Golgotha, en het onderwerpelij k genadestuk, waardoor nu b. v. in den jare 1879, dit verworven heil den weg naar de ziel van A, B of C doorloopt. En dan vragen we al aanstonds eerbiediglijk, maar zeer dringend en ernstig, wat het eerste, het uitgangspunt aanbelangt: „Eilieve, wat heeft uw Borg, wat heeft de Middelaar, wat heeft uw Jezus dan toch in zijn zelfofferande gedaan? Een soort crediet geopend of werkelijk
betaald?" Zegt ge het eerste; stelt ge u voor dat Jezus niets deed dan een soort crediet openen voor alle schuldenaars die in den loop der eeuwen tot hem de toevlucht zouden nemen, natuurlijk dan is het met „de
algemeene genade" volkomen pluis, en kan noch mag iemand anders leeren, dan in dezen zin: „dat Jezus in zijn sterven, aan geen bepaalde menschen gedacht heeft, maar onder zekere bedingen en conditiën slechts de mogelijkheid der behoudenis heeft opengesteld, voor een iegelijk uit vrouwe geboren, die goed zou vinden in den loop der eeuwen van dit crediet gebruik te maken". Maar weet wel, als ik een crediet voor u open, dan heb ik nog niet voor u betaald, maar dan moet ik nog voor u betalen. Gij die u met uw voorstelling in dat denkbeeld van een geopend crediet zoo volkomen thuis vindt, zie dus toe, wat ge daarmee eigenlijk doet. Daarmee doet ge toch in den grond en feitelijk niets anders, dan de werkelijkheid van het „volbracht" loochenen, en de belijdenis, dat het rantsoen is aangebracht, omzetten en veranderen in deze geheel Jezus nu pas, telkens naar gelang er haar ten behoeve dat rantsoen vol-' wat op Golgotha wel beloofd en toegezegd, maar toch eigenlijk onafgedaan was gebleven. verschillende
voorstelling,
weer een ziel zich brengt en afdoet,
dat
tot heiu keert,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's