Het heil in ons - pagina 247
237 Zoo ge
wilt,
de tegenstelling lag reeds vóór den
tijd
der patriarchen.
Eva roept in verrukking van haar baren: „Ik heb een man van den Heere gewonnen." Eva roept „den naam des Heeren aan, en de
naam
het persoonlijke.
is
En
daartegenover staat Lamechs streven. Ada en Zilla zijn hem geen vrije personen, maar slavinnen, en zijn kinderen zoeken een gemakkelijke woonstede, zingenot bij het klinken der cymbalen, kunstbereiding der metalen. Naëma, haar naam getuigt het, was niet de vrouw in haar edele persoonlijkheid, maar een wulpsche deern.
Maar
is
het
zoo,
dat Israël reeds van meet af den Silo heeft ge-
van lieverlee tot de persoonlijke opvatting Messias gekomen? Weet ge dan niet dat het Messiaansch karakter der 5'//o-profetie door de wetenschap wordt ontkend? Ook ons kwam het ter ooren. Lange jaren was de wetenschap onvrij. Ze diende. De tijdgeest was haar meester en trok ze met zich naar het lager peil, waartoe hij zelf zonk. Het dalen van dien tijdgeest kenmerkte zich juist daardoor, dat niet langer het persoonlijk ideaal van den Messias, maar het wilde fantaisiebeeld van meer genot en hooger macht de volkeren bezielde. Het menschelijke daalde in den mensch. De menschheid gevoelde haar eenheid niet meer. Ze had dies ook geen behoefte aan een Hoofd der menschheid. Ze ontzonk aan het goddelijk schoon der Messiaansche gedachte en kon dus ook geen Messias meer eeren. Toen verwierp een deel de Schrift. Dat was het kortst en het zocht?
van
Is
het
niet
eerst
den
eerlijkst.
Maar een ander deel, de macht dier Schrift op de schare nog kennend, wilde in die Schrift zelve het Messiasbeeld verderven, en aantoonen dat het er of niet of slechts als min vertrouwbare schets van eigen verbeelding in gevonden werd. Vandaar de aanval ook op de Silo-i^Toietie. Die aanval viel licht. Eeeds de oude Kabbijnen hadden, in hun vijandschap tegen den Christus, op alle denkbare en ondenkbare wijzen den Messias uit deze weggenomen. voetspoor werd door de godgeleerden, die den tijdgeest hun pen leenden, met voorliefde gedrukt. Wat wilde men? Leerde u dan Israëls geschiedenis in het tijdperk profetie
Hun
der Eichteren niet, dat Silo een dorp, een stedeke was, in Jozua en Richteren, in Samuël en Koningen herhaaldelijk genoemd? Welnu? Waarom dan in Gen. 49 10 aan iets anders gedacht? Wees toch nuchteren; vertaal: „De scepter zal van Juda niet wijken totdat men te Silo komt," en immers elke twijfel is weggenomen. Natuurlijk heeft Jacob dit lied niet gezongen, maar is het hem door een lateren zanger, die wist dat de tabernakel te Silo rusten zou, in :
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's