Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 156

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 156

3 minuten leestijd

:

146

XVI.

HET GEBOD EN HET GEBED. Al wat gij den Vader bidden naam, dat zal Hij u geven.

zult in

Joh. 16

mijnen 23.

:

Nog blijft ons, eer we aan ons slotartikel toe komen, kortelijk te handelen van het gebod en het gebed. En wel van de geboden, eerst over het volmaaktheid sgebod en dan over het gebod tot volmaking. Het volmaaktheidsgebod gaf de Heere ons in de bergrede onder deze bewoording „ Weest dan gijlieden volmaakt gelijk uw Vader in de hemelen volmaakt is," en het ligt voor de hand, hoe vooral zulk een uitspraak, naar den trant der Perfectistm, d. i. op den klank af nagesproken, op menigeen toch den indruk moest maken: „Ja, waarlijk, dan toch naar waarheid. volmaakbaarheidsdrijvers leeren het die Volmaakt te zijn, volmaakt reeds hier op aarde, is dan toch ook metterdaad iets wat Jezus zelf van ons eischt!" En in stee van tegenover zulk een Schriftwoord de Perfectisten hard te vallen, gunnen we hun ten deze zelfs eer een woord van hulde en lof. Immers, daarin dat zij zulk een uitspraak op den klank af naspreken, staan ze niet alleen. Dat doen de meeste belijders. Maar terwijl de overgroote meerderheid, er zich nu verder niet in verdiepende, denkt: „Tot zoo iets kom ik toch nooit!" en voorts dit oordeelden de Perfectisten, en ons woord laat voor wat het is, dunkt zeer terecht, dat men op zulk een achtelooze wijze met de kernspreuken van Jezus' heerlijke redenen niet mag te werk gaan; dat dit onheilig is; dat dit een gebrek aan ernst verraadt; en dat het eisch van Christelijke plichtsbetrachting is, ook zulke schitterende, stoute uitspraken van onzen Heiland weer tot haar recht te :

doen komen. In zooverre zijn we het dan ook met deze Enthousiasten volkomen eens, en het verschil tusschen ons en hen bestaat slechts hierin, dat Jezus' woord juist niet tot zijn recht laten komen, maar het omzij buigen naar hun eigen fanatisme. 48 ? Wat toch is, blijkens den samenhang, de zin van Matthcüs 5 Ongetwijfeld geen andere dan deze: „Uw liefde, o, mijn volgelingen, moet evenals de liefde Gods, een liefde van den hoogsten trap zijn!" :

Immers in het onmiddellijk voorafgaande toont Jezus aan, dat er tweeërlei begrip van liefde is, een lagere en een hoogere. De allerlaagste vindt haar uitdrukking in de stelling der Pharizeën „Gij zult uw naaste liefhebben maar uw vijand zult gij haten." De iets hoogere, maar nog altijd lage, denkt: „Mijn naaste heb ik

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 156

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's