Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De leer der Verbonden - pagina 182

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De leer der Verbonden - pagina 182

3 minuten leestijd

17a

pogen is toch niet met al. God doet het groote werk in menschen ziel, of Hij doet het niet. Doet Hij het niet, dan is uw ijveren toch onnut. En doet Hij het wel, wat zoudt gij er dan uw druppeltje nog bij doen? Dat zijn de innig vrome zielen, die in de lijdelijkheid liggen. Weinig begrepenen. Menschen die ge nooit met de anderen over één kam moet scheren. Zielen die luisteren willen maar nooit als gij den mensch ten koste van hun God verheft. Dan komen de persoonlijk slappe personen, met weinig kracht, met den. eens

Hun

;

geen pit in zich, en die vinden ook, dat ge niet op bekeeren Niet omdat het aan Gods eere te kort doet, maar uit aangeboren geestelijke slapheid. „Doen door laten" is hun zoo recht uit het hart. Min edel dus en lang niet vroom. Toch ook niet uit haast

moet

uitgaan.

koelheid.

koelheid ontmoet ge eerst bij de derde soort van lijdewie het uit liefdeloosheid voortkomt. Dat zijn die menschen die een pantser om hun hart hebben. Die zelf zoo hoog op hun verkiezing roemen kunnen, zonder ooit eens teeder en warm en innig te worden aangedaan over het schriklijk lot van zooveel duizenden, als nog afdrijven op den stroom van zonde en wereld. Bij dezulken ligt het aan het hart. En is koudheid en hardvochtigheid. En al ontkenuen we niet, dat er bij zoo ellendigen staat der kerk, ook bij hen „veranderde menschen" kunnen wezen, toch meenen we bescheidenlijk een iegelijk, wiens ziele er alzoo aan toe is, zeer ernstiglijk ook aan zijn staat voor God te moeten schudden. God alleen oordeelt, maar althans het „zalig zijn de barmhartigen" is hun nog niet tot troost. Die drie soorten „methodisten" nu worden evenals die drie soorten wat „lijdelijken" bijna altijd dooreengeward en op één hoop geworpen dan aanleiding geeft tot de schromelijkste onrechtvaardigheden, Bekeerzuchtige zielen (en dat zijn alle methodisten) doen verkeerd met voorbij te zien, dat er ook onder de lijdelijken een zeer nobel, vroom soort lieden is, die juist door de zonde van het methodisme, te stroef en te wezenloos staan, maar toch, o, zoo innig het voor hun God meenen. En omgekeerd de teeder-mystieke zielen (en dat zijn de goede lijdelijken) zien zoo vaak voorbij, dat er onder de methodisten evenzeer een zeer liefhebbend soort is, dat, zonder veel te redeneeren, eenvoudig handelt; niet om vertoon te maken, noch ook om eigengerechtig te wezen maar uit onweerstaanbaren drang der liefde voor den

Neen,

die

lijken, bij

;

;

medezondaar. Die nobele

„lijdelijken" en die edeler „bekeerzuchtigen" konden zoo uitnemend verstaan, en al ons streven was steeds, om die twee edele krachten weer te verzoenen, terwijl al onze strijd steeds ging én tegen dien o verijver én tegen dat tekort in ijver, dat, onder wat vromen schijn ook, toch eigenlijk in zonde van het hart wortelt, 'tzij in gebrek der ziele of in positief kwaad. Maar hoe nu deze drie soorten methodisten en deze drie soorten

elkaar

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's

De leer der Verbonden - pagina 182

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's