Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De leer der Verbonden - pagina 49

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De leer der Verbonden - pagina 49

3 minuten leestijd

.

39 Jeremia's godspraken aanbieden, is sprake van een verbond, dat God zegt gesloten te hebben, niet met opzicht tot een mensch, maar in verband met de lichten des hemels. Daar toch lezen we: „Alzoo zegt

de

Heere

:

Indien

gijlieden mijn

verbond van den dag en mijn ver-

bond van den nacht kondt vernietigen, zoodat dag en nacht niet zijn op hunnen tijd, zoo zal ook vernietigd kunnen worden mijn verbond met mijnen knecht David, dat hij geen zoon hebbe die resreere op zijn troon, en met de Levieten, de priesteren, mijn dienaren. Zoo zegt de Heere Indien mijn verbond niet is van dag en nacht indien Ik de ordeningen des hemels en der aarde niet gesteld heb, zoo zal ik ook het zaad Jacobs en van mijnen knecht David verwerpen." Terugslag op de belofte aan Noach nemen we hierbij gaarne aan. Wie toch denkt bij Jeremia's woorden niet onwillekeurig aan de belofte in „Voortaan al de dagen der aarde zullen 22 vervat Gen. 8 dag en nacht niet ophouden." Toch is met de woorden: „mijn verbond van dag en nacht" niet bedoeld „het verbond met Noach" gesloten. Immers dat Noachietisch verbond kon Israël wel terdege ;

:

:

:

.

.

breken en brak het telkens en telkens. Bedoeld is derhalve, dat God de Heere vaste ordeningen en bepalingen voor den loop van de hemellichamen heeft gemaakt; waaraan een mensch niet eens tornen kan. En dat nu, even onmachtig als die mensch is om Godes natuurverordening te verbreken, het zoo even onmogelijk voor God is, om zijn verbond te schenden, overmits het in dat verbond gegeven god-

Hem, die dat woord sprak, onherroepelijk hindt. dan ook, naar de wet van het parallelisme, dit verbond van dag en nacht, volkomen op één lijn met „de ordeningen des hemels en der aarde"; en in vs. 21 is uitdrukkelijk sprake van een niet kimnen vernietigen van het eens gesteld verbond aan de zijde Gods. Want wel zou men nog kunnen beweren, dat in vers 21 de woorden: „Zoo zal ook vernietigd kunnen worden mijn verbond met mijnen knecht David", doelen zouden op een vernietigen van maar vergelijking met vers 26 snijdt deze mogelijkzij 's menschen heid geheel af. Daar toch heet het met zoo vele woorden: „Zoo zal Ik ook het zaad van Jacob en van mijnen knecht David verwerpen." Er staat dus metterdaad, dat de almachtige God even vast aan zijn Yerbondswoord gebonden is, als wij aan de verordeningen der natuur, en dat Hij de Heere even onmogelijk het woord van zijn goddelijke eer kan verbreken, als het ons onmogelijk is de opeenvolging te verbreken van dag en nacht. Wij menschen weten uitnemend wel, dat er een macht in de natuur is gegeven die ons bindt. Een verordening, een inrichting, waar we niets aan veranderen kunnen. Een heerschappij, waaraan we ons te onderwerpen hebben. En evenzoo nu, verklaart God Almachtig bij Jeremia, bestaat er ook voor Mij, uw God, een verordening en inrichting in het Verbond, waaraan Ik, ook al wilde Ik het (des delijk

In

eere woord

vers 25 staat

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's

De leer der Verbonden - pagina 49

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's