Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Practijk der godzaligheid - pagina 72

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Practijk der godzaligheid - pagina 72

3 minuten leestijd

64 „Mijn opinie is zoo goed als de uwe!" Maar spreekt ge zóó, dat uit en door u en van uw lippen de kerke Christi aller eeuwen spreekt en in dat woord der kerke zich uitspreekt de toegepaste inhoud van het Woord Gods, dan dwingt dat eerbied af, dan boezemt dat ontzag in. Uw gelijkmatigheid wekt dan de overtuiging: „Neen, het is niet de opinie van dien man, maar een machtig woord der eeuwen dat van Godswege tot mij komt." De Heere verandert niet. En daarom moet wie de „woorden Gods" wil spreken iets bezitten van dat gelijkmatige dat er is in de onveranderlijkheid van den eeuwigen God.

Meer nog. Zoo alleen voelt ge den band des Verbonds, het trekken des éénen lichaams Christi. Des Heeren kerk is hier en ginds en overal. Ze was er voor eeuwen. Ze zal na ons zijn. Ze is daarboven. Dat alles saam is de kerk. Al het andere is maar een stuk, een deeltje er van. De kerk zelve niet. Leeraart ge dus, gelijk het volk zegt, op uw eigen houtje, dan heft ge de kerk op en zet er voor in plaats een nieuw kringetje, dat zijn reden van bestaan uitsluitend heeft in dominee A of B. Dat nu is Dat mag niet. Mag niet om den prediker, voor wien dat een fataal. aanleiding tot zelfverheffing door gevlei en bewierooking zou worden, waar zijn geestelijke wasdom bij inschoot. En mag evenmin om de gemeente, die geen personendienst kent. Dat is wel onbeschrijflijk verleidelijk voor het vleesch, voor het ik, voor de zondige neigingen, en o, het is zoo begrijpelijk, dat jonge predikanten, daardoor gestreeld strik komen. Maar toch, mannen van karakter, Woords des Heeren, mannen door den Geest van God

en bedwelmd, in den

mannen

des

gedreven, verafschuwen en verfoeien die kringetjes-aanbidding en vooral die dames-bewierooking van den dienstknecht des Heeren, als zijns en der kerke onwaardig. En juist ook daarom nu is die eenparige en vaste voet van onderwijzing voor al de kerken die in correspondentie staan, zoo onmisbaar en noodzakelijk. Dan is het niet de dominee die 't „zoo mooi doet" (zelfs van „mooi bidden" hoort men soms bazelen), maar dan wordt het „het woord der kerke Gods", dat zoo plechtig klinkt, en het Woord van God zelf, dat zoo zieloverredend tot ons komt. o. Handhaaft daarom toch ook gestrengelijk onze liturgische formulieren, van den heiligen Doop en het heilig Avondmaal, van de bevestiging in het ambt of in het huwelijk. Laat er niet uit en doe

aan toe. Vooral bij deze plechtigheden heeft het voorwerpelijke zulk een kracht. Vergeet ook de formuliergebeden niet. Voor zooveel wordt nu bijna nooit gebeden, waar het formuliergebed wel terdege om bad. Dan wil men die leemte weer met aparte gebeden., en uren voor gebed, aanvullen. Waarom? Ga in de kerk meer bezonnen, meer naar kerkenaard te werk, en vanzelf vallen die uitspruitsels weg. er niets

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's

Practijk der godzaligheid - pagina 72

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's