Dat de genade particulier is - pagina 92
83
Thans
zijn
we aan onze
niet ganschelijk vergissen,
laatste aanklacht toe; en indien we ons tevens aan onze sterkste en meest onweer-
w. dat de voorstelling van een algemeene genade lijnrecht wordt door de geestelijke ervaring van Gods kinderen. Men versta ons wel. Door dit beroep op de „geestelijke ervaring" willen we volstrekt niet geacht worden, over te zijn geloopen naar het kamp der ethischen. Yoor ons staat het feit „dat de genade particulier is", onomstootelijk vast op grond van de openbaring der Heilige Schrift. En zoo verre is het er van af, dat wij op „geestelijke bevinding" de heilsleer zouden willen bouwen, dat we veeleer alle kerk-ondermijnend subjectivisme van harte vijand zijn. De we desniettemin thans met een beroep op de geestelijke ervaring voor den dag komen, heeft dan ook een geheel eigenaardige oorlegbare,
t.
weersproken
zaak.
Men moet
namelijk weten, dat de predikers en gemeenteleden die algemeene genade drijven en het bitterst op ons vertoornd zijn, omdat we het pleit weer voor de particuliere genade durven voeren, zelven particularisten van het zuiverste water zijn, zoodra ze over hun eigen geestelijke ervaring te spreken komen. Neem er de proef maar eens van. Spreek wien ge wilt van deze predikers of gemeenteleden maar eens bescheidenlijk aan en vertel hem, dat gij voorstander zijt van de gereformeerde waarheid, o. a. ook op het punt van de particuliere geen ge kunt er zeker van zijn, dat de aangesprokene op nade, hetzelfde oogenblik dat ge hem dat zegt, een min vriendelijke plooi in zijn gelaat zal brengen, stugger van toon zal worden, en het zijne zal doen, om zich hoe eer hoe beter van u af te maken. Maar sta dan die opwelling van wrevel eens door, en zeg hem, dat ge, merkende hoe dit onderwerp hem min aangenaam is, er liefst niet over door wilt gaan, en bereid zijt meer op geestelijk terrein te en zie dan eens; indien het komen en op de ervaringen der ziel, u althans gelukt den vijand der particuliere genade aan het spreken het
sterkst
de
—
—
dan eens, wat er gebeurt. namelijk merken, hoe die persoon (bijaldien hij tenminste wezenlijke en echte geestelijke ervaring heeft) opeens zijn „algemeene-genade-stelsel" vergeet en plotseling om is gezet in den brengen;
te
Dan
zult
zie
ge
onverbeterlijksten Particularist.
u dan zeggen, hoe het heusch niet aan hem heeft gelegen, is op de paden des ongeloofs en niet omkwam in zijn ongerechtigheid; want dat hij eer tegen dien barmhartigen Ontfermer inging, dan dat hij diens vrede zou gezocht, laat staan zelf zou gevonden hebben. En of ge hem dan al tegenyoert, dat het toch veel scheelde, dat hij van geloovigen huize was en een goede opvoeding genoot en zich Hij zal
dat
hij
niet afgedoold
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's