Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 203

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 203

2 minuten leestijd

!

!

!

!

189

En

toen

nu

volk

het

ook

in

die

dag:en zich achter de zondige

„De tijd zal, ja, komen, dat we de hand aan den ploeg moeten slaan. De tijd zal komen, dat we ons tot den bouw moeten opmaken, maar nu is het nog wachtensii]A, nu is het de tijd verschool:

uitvlucht

toen, lezer, is de Heilige Geest des Heeren vaardig nog niet!" geworden over den ziener, en heeft Haggaï het, met snerpende bitterheid, hun in den naam des Heeren aangezegd: „Gij, o, volk van Jehova, zegt: „De tijd is nog niet gekomen, de tijd is er nog niet, dat des Heeren huis gebouwd worde!", maar ik antwoord u in den naam van Jehova: „Alzoo zegt de Heere, is het voor ulieden wel tijd dat gij woont in uwe gewelfde huizen, en moet al dien tijd mijn huis woest blijven?" En daarom zal Ik mijn ban op u leggen, en mijn zegen inhouden, „omdat gij mijn huis woest laat, en dat gij

loopt elk voor zijn eigen huis!" En dat nu, men wende het

hoe

men

nu

het wende, dat

is

ook

onze toestand.

„Het moet doorzieken." „Eigen werk nut niet, de Heere moet het door zijnen Geest doen!" „Eens zal de tijd wel komen, maar nu is het de tijd nog niet!" En inmiddels roept men arts en medicijn te hulp, om als men zelf krank is niet door te zieken En onderwijl arbeidt men des daags en vermoeit men zich nog des nachts om in 's Heeren kracht aan zijn eigen huis wel terdege te

bouwen

ondertusschen acht men het voor zijn eigen welstand eer te te vroeg om de hand aan den ploeg te slaan. Dat, dat is uw zonde, o, vromen en vroeden onder de blusschers van het Elia-vuur! dat ge voor uw eigen huis niet naar uw woorden doet, en voor het huis des Heeren niet doet naar uw werken Haggaï is een getuige Gods ook nog in onze dagen.

En

laat,

dan

Een getuige tegen

u.

LXV. lOtieföE

5ö u UermenigUuïbigti Barmhartigheid en vrede en liefde zij u Judas vs. 2. vermenigvuldigd!

geluk in de ziel stort, dan het zalig en hebben? Niet met die opgedrongen of ingebeelde liefde, waartoe men zich opwindt door overspanning noch ook met die vertoon makende liefde, die geen oogenblik stil kan zitten Is

er

iets,

heerlijk besef

dat

van

reiner

lief te

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 203

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's