Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 126

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 126

3 minuten leestijd

113 aan clea gevel. Het kan wel zijn, dat ik levenslang maar met een bord op mijn borst of rug langs de straat heb te loopen, waarop iets staat dat anderen lezen moeten. Een zakjesplakker in een magazijn is heel min, en toch ook de jongen die dat doet, is onmisbaar. Vergelijk diis nooit. Zie op uw eigen taak, nooit op die van een ander. En zie wel toe, dat ge nooit denkt of zegt; God had mij wel wat hoogers kunnen geven Want met dat ééne zeggen raakt ge al aan zijn souvereine almacht. En dat duldt de Heere niet. Hij weet het, hoe het zijn moet. Raad neemt Hij met niemand. En gij klaagt uw God aan van het >iief te weten, zoo dikwijls ge mort en murmureert !

tegen zijn bestel. Dit zit dus al vooreerst in dat: „Mij zal niets ontbreken!" De meester van den winkel geeft aan ieder dienstknecht zooveel gereedschap, zooveel timmerhout, zooveel scharnieren en plinten meê, als hij noodig heeft. Aan den balkenlegger zwaar, aan den lambriseeringmaker tijn, aan den beeldhouwer zeer fijn gereedschap, eu aan den jongen, die bij de ladder moet staan, bijna niemendal. En toch ook aan dien jongen zal niets ontbreken. En als hij nu maar tevreden in zijn plaats is, dan is hij vroolijk en tluit zijn deuntje en is gelukkig en heeft geens dings gebrek. Weet wel, u zal niets ontbreken voor het doel en de taak, waarvoor God de Heere u meê opnam in den kring zijner dienstknechten. Maar als gij daarbuiten gaat en iets doen wilt w^aarvoor (iod \\ tiiet riep, dan hebt ge natuurlijk volstrekt geen belofte. Dan ja, zal u zeer veel ontbreken. God de Heere toch geeft er u }tiets voor; en zelf

koopen

of

maken kunt

gij

het niet.

God de Heere u gesteld heeft, ge niets in angst en bezorgdheden gaat doen. Want wel, die angst en die bezorgdheid is dan niets anders dan o^/geloof. O^^geloof dat ge werkelijk in uw roeping zijt. 0>'/geloof dat God de Heere regeert en alle ding bestuurt. Owgeloof dat God alwetend is en dus ook weet wat gij behoeft. O«geloof dat God een bestel heeft, waarin alles voorzien en op alles gerekend is. Maar houdt

zie

dan

ook

gij

wel weet

ii

in het gelid, waar

toe,

dat

in één woord dat God God is. En dat twijfelen nu aan doen is niets dan goddelooze argwaan in uw hart. De paradijszonde. Het schriklijk kwaad van Eva. Nu door u in eigen hart en

0/ïgeloof

zijn

eigen persoon vernieuwd. „Mij zal niets ontbreken!" Neen heusch dat wil niet zeggen, dat ge de belofte hebt van in weelde te zullen baden, lieve broeder of zuster, het kan best zijn, dat gij als Sadrach in den gloeienden oven moet. Maar dit beduidt het, dat ook dan zelfs in dien oven niets, niets n zal ontbreken. Het is zelfs mogelijk, dat uw leven één aaneenschakeling van teleurstelling, van gebrek lijden, van bittere zielesmart zijn zal. Mogelijk dat God u gesteld heeft, om tegenover Satan te toonen, met hoe niets, ouder wat lijden, ouder wat vertrapping

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 126

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's