Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De leer der Verbonden - pagina 119

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De leer der Verbonden - pagina 119

3 minuten leestijd

109 uit te komen, dat dit alles ons metterdaad als de schatten van het genadeverhond wordt voorgesteld. Vraagt ge waarom? Ziehier dan het gereede antwoord. Teder stemt toe; en het staat er dan ook zoo duidelijk, dat het niet ontkend kan worden; dat al deze weldaden, schatten, vertroostingen en heerlijkheden ons toekomen, niet uit ons zelf of om ons zelf of door ons zelf, maar eenig en alleenlijk uit, door en om Christus. Dat staat dus vast. Maar er is tweeërlei manier, waarop ons iets uit Christus toe kan komen. We kunnen namelijk of optreden als leden van zijn lichaam-, d. i. als in ons dragende datzelfde leven dat in hem is; één leven met hem levende; met hem lotgemeen. Of ook we kunnen optreden „als leden van het genadeverbond" waarvan hij het Hoofd is; d. w. z. als in zake van recht en toerekening met hem in één verband staande. De vraag is dus maar, wat wordt in Romeinen 5 bedoeld? De lotgemeenschap met den Christus als ons Leven, dan wel de lotgemeenschap met den Christus als Hoofd van het genadeverbond? En op die vraag nu kan noch mag anders dan in laatstbedoelden zin geantwoord: Romeinen 5 handelt van onze lotgemeenschap met den Christus als ons Verboïidshoofd. Waaraan men dat dan zien kan? Wel, uiterst eenvoudig! Zoodra er van toerekening sprake is, hebt ge natuurlijk met een „verbond" te doen, en eerst als het u toegerekende later in u wordt uitgewerkt, komt de gemeenschap des Levens. Toegerekend was u de gerechtigheid Christi reeds eer ge krachten des levens in u ontvingt, niet waar? Ja zelfs de personeele overtuiging van deze toerekening, die ge door het geloof ontvingt, ging toch altijd vooraf aan het uitwerken in u van hoogere levenskrachten. De toerekening komt dus eer het leven werkt; kan dus geen uitvloeisel van uw levensgemeenschap met den Christus zijn; moest reeds bestaan eer die levensgemeenschap tot stand kwam; en kan dus geen anderen grond hebben dan in het genadeverhond. Een verbond gaat op zedelijke verplichtingen. Alleen bij een verbond is er dus van toerekening sprake. En overmits nu heel Romeinen 5 staat of valt met de toegerekende gerechtigheid van den Christus, zoo is het hiermee dan ook uitgemaakt, dat de Christus hier voorkomt en toe wordt gejubeld en gedankt als de Middelaar en Borg die in het verbond voor ons optrad, en dus krachtens dat verhond een gerechtigheid verwierf, die alleen op grond van dat verhond voor toerekening vatbaar was en ons toegerekend wierd.

En

plaats

daarnaast

nu

eens, gelijk de apostel er ons in voorgaat

en toe uitnoodigt, den persoon van Adam. Ook van Adam wordt gezegd dit stemt ieder toe dat zijn doen, zijn overtreding, zijn wetsschending, zijn zonde, de zaak beslist heeft voor ons. ;

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's

De leer der Verbonden - pagina 119

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's