Honig uit den rotssteen - pagina 96
82
maar God zegt „Die ceder doet wel iets, doet veel, doet het hoog-ste want die ceder groeit, die ceder wast, die ceder doet zijn zelfs, :
rijpen!" En in God te groeien, te wassen in Christus en Geestes te dragen, wat dunkt n, mijn broeder, is dat voor hier en voor den zaligen hemel geen arbeids genoeg?
bloesems
bloemen
des
XXX. o^miïat
Siii
ii
geen gcnaöc
iAï ijcbcn!
Aldaar zult
andere goden dienen, dag ii geen genade zal geven. 13. Jeremia 16
gij
en nacht, omdat Ik
:
Het
is
zoo vreeslijk te vallen in de handen van den levenden
God
1
In waarheid „vreeslijk!"
En
dat niet omdat Hij ons zoo fel tuchtigen, zoo hard kastijden, scherp beproeven en zoo op 't nauwkeurigst doorzoeken kan. o, Zelfs een storm en onweder kan lieflijk zijn, als God er maar in is. En al slaat de Heere u met nog zoo geweldige slagen, dat is eer nog een teeken van Gods erbarmende gunste, dan dat het u zielsbedroefd en rampzalig zou maken. Neen, Abraham op Moria of Job op den aschhoop zijn niet de tegenworstelaars, voor wie het vreeslijk was in de handen des levenden Gods te vallen. Vreeslijk was dat voor heel andere tegenstrevers, voor de Farao's en de Nebucadnezars, voor de Achitofels en de Judassen.
zoo
En vraagt ge waarom? Omdat er maar één naar de hel
En
vreeslijk
ding
is,
en dat
is
:
weg
te
zinken
toe.
zoozeer, omdat de lichaamssmart, het zoo schrikkelijk is, maar allereerst en voornamelijk, omdat in de hel een iedere ziel geheel bandeloos aan zijn eigen goddeloos hart en geheel teugelloos aan zijn eigen booze natuur is overgegeven, en niets, niets hem meer van den droesem zijner eigen vuilheid en ongerechtigheid terughoudt. Nu, o, arme mensch, hebt ge al verstrooiing en afleiding noodig, als ge de herinnering van een boos en kwaad stuk, dat ge bcdreeft, niet van u kunt zetten. Maar in de hel is dat de aard der rampzalige existentie, dat ge dan niets van u kunt zetten, maar ecuwig met al uw kwaad, met de volheid uwer ongetemde zonde alleen blijft. En hoe dat komt? Dat komt alleen, omdat er in de hel geen „genade Gods" meer is. „Geen genade!" dat is de hel!
dat
uitwendig
nog
lijden
volstrekt
in
de
niet
hel
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's