Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 116

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 116

2 minuten leestijd

:

102 tegenspraak doet zijn met het evenbeeld van den Zone Gods, waarnaar vernieuwd wordt. Wie grof meet, kan zich dat inbeelden; wie een eenigszins iijner toetssteen gebruikt, weet wel beter. En zie, dat nu geeft de tweespalt in ons. Bezien we ons zei ven nauw, zeer nauw, dan deugt er niets, dan valt alles in ons weg, dan houden we niets over .... En .... zoo spreekt dan de fluisteraar .... „is dat dan nu dat kind van den allerhoogsten God !" En als dan de wereld er bij komt, en ons voor zooveel heiliger aanziet dan we werkelijk zijn; en de broeders zien een heilig iets in ons, wat wezenlijk niet in ons is o, dan splijt het hart, en dan komt er een luchtledig gapen tusschen wat in ons hart en wat op onze lippen is. En die gaping, dat is het valsche, het onoprechte, het bedrog, het zelfbedrog. Dat mag niet. Het moei aansluiten. „Laat u mijn tong en mond en 's liartcn diepste yrond toch welbehaaglijk wezen!" Nu, daarvoor nu hebt ge het gdool noodig. Het geloof om zoo ellendig u zelf en zoo heerlijk uw Jezus cu zoo rijk Gods barmhartigheid te vinden, dat ge ziet en weet en tast „Die harmliartige God heeft in dien rijken Jezus mij ellendiyc hij

;

ingezet /" Dat geloof

is

de

bijl

die de onoprechtheid

bij

don wortel afbouwt!

XXXVII.

Mijn volk zal met mijn goed verzadigd worden, spreekt de Heere. Dies zullen zij toevloeien tot des Heeren goed. Jerem. 31 14, 12. :

Wiens is het goed? Een vraag, waarbij uw ziel liefst aan alle goi'd denke. Aan !il wat een goed mag heeten. Aan elk bezit dat rijk maakt. Aan alle ding, hoe ook genaamd, dat uw leven als mensoh verruimt, schooner doet zijn en er glans aan bijzet. Goed, dus niet maar in den zin genomen van van

uw

geestelijk

uw

lieven

goed,

en

maar

uw

ook van aardsche bezitting, met inbegrip van uw invloed, \iw werkkring,

vrienden,

talent.

Geen

en, als God de Heere door zijn met mijn goed verzadigd worden," dan van maken: „Dat Avil zeggen, dat wij aan de wereld

o vergeestel ijkheid

alzoo,

profeet roept: „Mijn volk zal niet terstond er

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 116

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's