Practijk der godzaligheid - pagina 42
84 wol
laat bijten;
maar
die hoe en onder wat
om
vorm
ook, voor ze leeft,
voor hen. hunnentwil en, moet het wezen, rechtvolmaakt der „vergadering Dat vergaderen der kerk voor de binnen halen naar in een niet vaardigen daar boven" bestaat dus een zooals vergaderen, van wat buiten stond, maar in een geestelijk sterken; voeden en vergadert^ een mensch zijn eigen ziel in zich een verbinden en betten; een kastijden en tuchtigen; een troosten en bemoedigen; en onder en door dat alles een heerlijk maken van den Heere in de zijnen. En dat alles steeds met het beding en onveranderlijk onder de voorwaarde, dat Hij het is die daarbij den dienaar slechts als instrument gebruikt, en die, als alleen de zijnen kennend, „Dat is een bok, en dat is kan wat wij niet kunnen, t. w. zeggen een schaap." En o, dan wordt de prediking zoo heel anders. Dan neemt men niet een beurt waar, maar dient in den dienst zijns Heeren. Dan spreekt men niet uit de hoogte tot zeer laag staanden, maar treedt meer als één der broederen op, om aan Jezus zelf in zijn gemeente het woord te geven. Dan slaat men op geen dood hout, om er groen aan te laten uitbotten, maar werkt al op uit het Yerbond, uit het genadewerk dat er reeds is, en toont hoe diep men aan zijn eere is ontzonken. Dat een uitvaagsel zich in het slijk wentelt is zoo wonderlijk niet. En daarom als ge den mensch aanzegt wat uitvaagsel hij dan verbaast het hem ook niet meer, dat hij zoo slecht is. Maar is, als een prins van koninklijken bloede zich vergooit, dan is er beroep op eerbesef, om den wille zijns vaders. En zoo ook als ge koningskinderen voor u hebt of althans dezulken die pretendeeren het te wezen, en ge vindt u dan in den hoek der boeven, dan is er voor kracht van taal oorzaak, dan is er schaamte in te brengen, dan krijgt ge den berouwhebbende mee. er is
zijn leven stelt
:
En daarom zóó als de apostelen in hun schriftelijke predicatiën, die men Zendbrieven noemt, de gemeente toespreken en met de gemeente handelen, zóó moet en moest de predicatie van de bedienaren des
Woords
zijn.
Niet Paulus op den Areopagus, maar Paulus tot de gemeente van Corinthe, van Rome, enz. sprekende, is het model. En naarmate een „bedienaar des Woords" van God wijsheid begeert, om op dat heerlijk model een oog te krijgen, en naar dat model door den Geest gevormd te worden, naar die mate zal hij in kracht toenemen; in de zaligheid des Geestes staan; en waarlijk de gemeente van binnenuit bouwen. Althans indien voorts bij die prediking des Woords bijkomt, wat er van 's Heeren wege bij besteld is, t. w. bediening van het Sacrament, evenals de bediening van het Woord te schragen door de uitoefening van de tucht, bei OTcr leer en leven. Immers predicatie zonder tucht kan leiden tot een predicatie, die
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's