Honig uit den rotssteen - pagina 208
!
194
Maar daar merken we het dan ook aan, als die vijandschap komt. Vijandschap tegen de zonde, altijd gepaard met, ja geboren uit liefde voor God en voor zijn Christus, voor zijn volk en voor zijn wet. En wat doen we dan? Och, dan gaan we aan het bestrijden van wat men noemt „boezemzonden". En verre van ons, als wilden we ontkennen, dat er metterdaad boezemzonden zijn. De zonde kan duizenderlei gedaanten en gestalten aannemen.
En
daar
nu
ieder
mensch
iets
eigenaardigs heeft, spreekt
dat de zonde op den één sterker in deze, op een ander meer in die gedaante zal werken. En, natuurlijk, door een lang leven in de zonde wordt dan de ééne zonde in ons sterker dan de andere
het
vanzelf,
Evenals onze rechterhand gemeenlijk sterker is, omdat meest gebruiken, zoo worden ook onze karakterzonden macht ten kwade in ons, eenvoudig omdat we er meer in
ontwikkeld.
we
die
sterker
het
vervielen.
Maar zie nu wel toe, dat ge, „van God gezette vijandschap" in u waarnemende, nu niet denken gaat: „o, Als ik die ééne boezemzonde maar bestrijd, onderdruk en overwin, dan ben ik er!" Neen, steeds hebben onze vaderen het kenmerk van het kindschap Gods juist daarin gezocht, dat een kind van God, wel ja, maar een klein beginsel der volkomene gehoorzaamheid in zich droeg, maar toch altijd zoo, dat hij lust en liefde in zich voelde werken, om niet maar naar enkele, maar naar al Gods geboden te leven. Dat is het wat daarom de heilige apostel ook zoo met nadruk aan de geloovigen toebidt: „De God des vredes heilige u geheel en al" d. w. z. in alle deelen. Niet maar in één der organen van uw zieleleven, maar in alle tegelijk. En dat wel in dien zin, dat alle zonden van geest en ziel en lichaam gelijktijdig in ii bestreden en onderdrukt, ja,
kon
het,
er uitgebrand wierden.
En
dat daar alle worstelende ziel nu toch wel op toezie Och, Satan heeft er niets op tegen, dat ge een enkele bepaalde
een tijdlang met heete tranen beschreit en Satan verstaat ook de kunst om zich voor een tijdlang terug te trekken. Immers door dat bestrijden van die ééne enkele zonde boezemt hij u dan een valsch gevoel van zelftevredenheid in, een valsch besef van er nu te zijn, en onder dat valsch besef werkt ook de algemeene gisting der zonde zoo lang in u door, tot het voedsel der zonde zich weer als een berg, door ongeloof, door zelfzucht, door eigengerechtigheid, door valsche vroomheid in u opeenhoopt, tot eindelijk de schuilgegane boezemzonde haar kans weer waar kan nemen, en nu met verhoogde macht u aanvalt, er u onder brengt, en u neerstort in de wanhoop, alsof er bij God geen trouw en voor uw ziel geen redding ware. Neen, tot dooding der zonde komt ge door het bestrijden van ééne enkele zonde nooit.
boezemzonde zeer
ernstig
eens
tekeer
voor
gaat.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's