Het heil in ons - pagina 241
231 het minst voorkomt, het sterkst in de Protestantsche landen, die door het rationalisme verwoest zijn. Dat ligt niet, gelijk men heeft voorge-
aan het leerstuk der uitverkiezing, want in Luthersche landen het noodlottig cijfer van 126 tot 90, in Gereformeerde landen van 65 tot 45. Oorzaak is vooral de strenge veroordeeling, waarmee de publieke opinie in Koomsche landen den zelfmoord nog als misdaad afkeuren. Waar dat strenge oordeel, gelijk in Frankrijk, week, blijft
wend, is
klom het
eijfer evenzoo tot 105. Yerre dan ook van dezen zedclijken steun ter voorkoming van zelfmoord in 't minst te willen verzwakken, wenschen we steeds wat zonde is zonde te blijven noemen en geen oogenblik af te laten van de strenge eischen, die Gods Majesteit als Schepper ook op de onaanrandbaarheid en onschendbaarheid van ons persoonlijk leven gelden
doet.
Een medelijden met den rampzalige, die met eigen hand zijn levensdraad afsneed, heeft met het meewarig medelijden onzer dagen niets
gemeen.
op het besef van eigen weet dat ook in de schuilhoeken van zijn eigen ziel de demonische zaadkorrel ligt, waaruit zoo schuldige misdaad bij hem kon opschieten. Die belijdt ook van dit gebod des Heeren, dat hij er innerlijk reeds voor bezweken is. Die gevoelt zich ook tegenover den zelfmoordenaar niet als een heilige, die zonder zonde is, maar als een medeschuldige, die verre van in eigen kracht te roemen, slechts de bewarende genade van zijn ontfermenden Vader looft, die hem terughield van erger. Het medelijden van den Christen rust op de waardeering van den mensch, die zonder diepe verfoeiing vaji de zonde ondenkbaar is. Die zoo ver zich vergat en zich zoo ontzaglijk tegen zijn God been wat moest zondigde, was één van ons geslacht, mensch als wij ook in zijn hart niet verwoest, verbroken en verbrijzeld worden, eer zelfs de levenstrek in een zoeken naar den dood kon ondergaan! Het medelijden van den Christen eindelijk rust vooral op de wetenschap, dat ook bij zelfmoord de rampzalige zich bedroog. Hij zocht een uitweg, tot stikkens toe benauwd kon hij het niet meer dragen, de dood zou redding brengen! En zie, in stee van ontkoming te vinden, werpt hij zich in de eeuwige benauwing, zinkt in nog weg en vindt niet het einde, maar opent zich vreeselij ker afgrijzen het begin van den jammer en de verschrikking, die eerst door en na den dood met al haar wicht op zijn ineengekrompen ziel zal drukken. Dat jnedelijden wordt dus niet verzwakt, maar juist gewekt, door de dieüe opvatting van de zonde, die de Schrift ons voorlegt, die de Kerk steed? voortplantte, en die nog dagelijks door de ervaring der verlosten als juist en waar bevestigd wordt. Ook Gods Woord zegt ons uut er dagen zullen komen, „dat ze
Het tnedeM^den
medeplichtigheid.
van
den
Wie
zijn
Christen
hart
rust
kent,
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's