Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 79

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 79

2 minuten leestijd

69

VI c. 9, p. 439). Dq Kwakers eindelijk, gingen onder Barclay, het ook bedachtzamer, nochtans denzelfden weg uit, als hij schrijft: „Wij gelooven dat degeen, in denwelken Christus een gestalte kreeg,

To. zij

van nature Gods wil doet en dat het den raensch mogelijk is den Christus in dier voege aan te hangen, dat hij niet dagelijks een overtreder wordt van Gods wet" (Defensio verae Theol. Thes.

VIII

§

1).

Nog voegen we

hier ten slotte bij, dat ook hier te lande reeds van de eerste tijden der Reformatie af tegenstand tegen het Calvinisme en drijving van de Volmaakbaarheidsleer steeds hand aan hand ging; met name bij den bekenden Coornhert, die reeds in 1589 zoo kras en boud mogelijk schreef, dat „het antwoord van den Catechismus op vraag 143 ter wereld niet deugde, en dat integendeel de wedergeborene al de geboden Gods uit- en inwendig volbrengen kan, zonder in woorden, werken, gedachten of lusten iets te onderlaten wat God geboden ofte te doen wat God verboden heeft" {Dolinghe des Cafech. Op. Tom. II. p. 300), en evenzoo een eeuw later bij zijn leerling, die de „Inleiding op het Christelijk lijde?t" schreef, waar het met even zoo vele woorden heet „Ja wat meer is, het is ook, zeggen wij, noodwendig dat iemand zonder zonden zij, omdat men anders noch voor een Christen gerekend noch het eeuwige leven, dat den Christenen :

alleen beloofd

is,

verkrijgen

kan"

(bij

Arend

Sjoers.

Haarlem 1644

p. 38).

II.

WAARDOOR MISLEID? Opdat ik mij door de uitnemendheid der openbaring niet zou verheffen. 2 Cor. 12

De

:

7.

zondige doling der „volmaakbaarheid van Gods heiligen op aarde" vloeit uit tweeërlei oppervlakkigheid voort: uit een oppervlakkige voorstelling van wat Gods heiligheid eischt en uit een even zoo oppervlakkige voorstelling van wat het verderf der zonde werkt. Tan beide heeft men een te geringen dunk. Men vormt zich van de heiligheid Gods een veel te laag en van het verderf der zonde een veel te licht denkbeeld, en komt er zoo ongemerkt toe, om zich in den zondaar, wiens kracht men overschat, een heiligheid, welker zuiverheid men onderschat, in te beelden als metterdaad aanwezig. Kennisse „van God en zijn deugden," en dientengevolge kennisse reeds

diep

hier

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 79

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's