De leer der Verbonden - pagina 222
212 eis (sig). Immers over dit woordeke loopt al het geschil. het eens over de vertaling van de woorden: „Ze doopende'\ evenzoo over de volgende woorden: „den naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes," en de eenige vraag die de geesten voorzetsel
Men
is
moet tusschen deze beide het woordeke in of wel het gevoegd? Welnu, het woord dat daarvoor in den grondtekst staat, is het voorzetsel eis, waarop we wezen. Moet dit vertaald worden in of tot den naam? Ziedaar het gansche geschil. We zullen ter harer beantwoording op een reeks Schriftuurplaatsen wijzen, waarin ditzelfde voorzetsel eis voorkomt, en aan onze lezers zelven de beslissing laten, of we iets anders dan wetenschappelijken onzin zouden nederschrijven, zoo we in deze reeks van plaatsen de gewone vertaling met die van tot verwisselden. We bepalen ons eerst tot het Evangelie van Mattheiis zelf, waarin Jezus' woorden vermeld staan. Immers er kon verschil van stijl en schrijfwijs bestaan, en ook daarop dient naar den eisch der wetenverdeelt,
is:
woordeke
tot
schap gelet. In dit Evangelie
nu komt het woordeke eis waarover het geschil tweehonderd achttien malen voor, en nu blijkt bij nauwkeurig onderzoek, dat de vertaling tot slechts in vier en twintig van deze meer dan tweehonderd plaatsen, wil men op den eisch van ons goedHollandsch letten, ook maar mogelijk is. In schier al de overige plaatsen moet dit voorzetsel door in, naar of aan enz. vertaald worden, zooals uit de volgende Schriftwoorden overtuigend zal blijken. Ter verduidelijking zullen we allerwegen de hooggeroemde vertaling van: tot schrijven, opdat de volstrekte onhoudbaarheid van de moderne vertaling te scherper in het oog springe. Men oordeele! „Zij vertrokken door een anderen weg weder tot hun land." „En vertrok tot Egypte."
loopt,
„En
zij
woonden
boom, die vuur geworpen." „Alle
tot
de stad, die genaamd werd Nazareth." goede vrucht voortbrengt, wordt
geen
tot
het
„Zijn tarwe tot zijn schuur samenbrengen."
„Toen werd Jezus door den Geest weggeleid „Hun netten werpende tot de zee."
tot
de woestijn."
„Zal schuldig zijn tot het helsche vuur."
„Niet
tot
de hel geworpen worden."
„Gij dan, ga tot uw binnenkamer." „Leid ons niet tot verzoeking."
„Wees niet bezorgd tot den dag van morgen." „Wordt uitgehouwen en tot het vuur geworpen." „En de kinderen des Koninkrijks zullen geworpen worden
„En
stortte
van de
steilte af tot
tot
•
buitenste duisternis." „En tot het schip ingaande."
de zee."
de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 242 Pagina's