Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De theologie van Dr. A. Kuyper - pagina 16

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De theologie van Dr. A. Kuyper - pagina 16

2 minuten leestijd

DE THEOLOGIE VAN DR.

12

Daarom

KITYPEE.

gaat het niet aan te zeggen, dat wel enkele menschen

een

Niet

teloorgaat.

maar dat de menschheid

worden,

massa behouden

de

uit

A.

van verkoren personen, maar de

tuil

plante zelve der geredde menschheid zal eens voor lijk

zoodat deze

,

worden

behouden

verkorenen worden afgescheiden van de

Niet de

bloeien.

menschheid

teloorgaat

en slechts die enkelen

,

maar omgekeerd de

,

God eeuwig-

worden

verlorenen

afgescheiden.

Het

dan ook eene verkeerde voorstelling dat op het erf

is

der gemeene gratie

zou

w.

d.

,

z.

de wereld

in

kunnen worden gevonden. Zoo

geen positief goed

,

men aan

heeft

de hand

van de bekende uitspraak van den Heidelbergschen Catechismus

De

wel geleerd.

onbekwaam

dat wij ganschelijk

kwaad?" wordt

tot alle tenzij

vraag „Maar

8^**

dat

men

Hieruit heeft

Gods wedergeboren worden."

afgeleid

de gansche menschheid ver-

dat

loren was, als zijnde van verdorven natuur.

Wel

men

zag

in

hen, die gerekend worden niet wedergeboren

de wereld van

men geen

te zijn, allerlei dat

kon

alzoo verdorven,

eenig goed en geneigd

zeer beslist beantwoord met: „Ja wij,

door den Geest

wij

zijn wij

zijn tot

kAvaad kon noemen

maar men

,

op grond van genoemde uitspraak toch ook geen goed

dit

noemen. Men maakte daarom een onderscheid tusschen het eene goed en

het

andere en

„zaligmakend goed". gerlijk

goed"

„burgerlijk goed" en van

sprak van

De niet-wedergeborenen konden wel maar geen

doen,

„bur-

„zaligmakend goed". Deze

onderscheiding echter wordt door K. ten ernstigste bestreden.

Deze beschouwing noemt is

in

hooge mate gevaarlijk. Het

een in den grond Roomsche beschouwing.

om zaligmakend de

hij

goed

om

bekwaamheid

verloor

Het

de andere.

g'emeene gratie

genade

is

welke

kan

de

goed

burgerlijk

te

doen. ,

keuren

is

(Gem. Gr.

den

bl.

val

behield

hij

donum Il

naast

iets

Bij

maar

de Roomsche leer van het

af te is

De bekwaamheid

doen wordt op die wijze

mensch de eene bekwaamheid

de

additum,

te

super-

52).

De

een gave en genade -Gods on krachtens die

niet-wedergeborene

positief

yoed

doen

De

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 40 Pagina's

De theologie van Dr. A. Kuyper - pagina 16

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 40 Pagina's