Honig uit den rotssteen - pagina 18
;
Ziet, bij
als
die
herders
in Efrata's velden niet trouw de nachtwacht ze zouden niets van die glansen
hun kudde hadden betrokken,
hebben gezien, geen heerlijkheid des Heeren zou hen omschenen hebben, ze zouden geen engelenzang hebben beluisterd, en nooit ware het heilig Godskind door hen begroet. En nu, geldt dat ook niet van u? Nóg openen zich soms de hemelen; nóg daalt er soms een heilige glans op aarde om ons neder nóg bedienen Gods engelen zaligheden en nog is er met dat Godskind een begroeten. Maar zij het u in den naam des Heeren, zij het u, om uwer kinderen en om uwer zielen wil aangezegd, o, mijn broeders, mijne zusters, die heerlijkheden ze kunnen over u niet komen, die hemelen ze kunnen zich voor u niet openen, tenzij ook van u door 's Heeren Geest getuigd worde: „Ook deze herderen^ ze hielden dfi nachtwacht over hunne kudde! ;
II.
^n
5ijne ftranüöciti licrantErr 03 ij sijn öan^^'^c ïcger.
De Heere zal hem ondersteunen op het ziekbed: in zijne krankheid verandert Gij zijn Psalm 41 4. gansche leger. :
Wie spelt ons de overloopende maat van stil verborgen lijden, die achter dat „onze kranken" Men merkt er weinig van, maar het gaat achter die gordijschuilt nen dikwijls zoo bang toe. Wat worden er op de ziekenkamer niet een illusies afgesneden, niet vriendelijke lichtjes uitgebluscht, niet bloempjes geknakt aan den stengel. En dan soms die wezenlijke pijnen er nog Pijn is zoo diep smartelijk. En dan die lanye pijnen. Dat er bij. geen eind aan komt. En dat het zoo diep invlijmt en als knaagt aan ons gebeente, o. Er hangt een sluier over. De groote massa merkt er niet veel van. Maar anders „onze kranken" o, het is een afzonderlijke wereld, en voeg er veilig bij, een schrikkelijke wereld, althans zoolang men er in lijden moet zonder zijn God. Denkt ge om die „kranken" wel veel? Leven ze in uw gebed? Blijven ze, niet vormelijk, maar met deernis en ontferming invloeien in het gebed van de gemeente, als ze op den Sabbat saamkomt? Ze zijne „onze kranken," en ge gevoelt, wat daarin ligt. „Onze" kranken, die bij ons hooren die uit onze kringen, uit onze gemeente, van ons vleesch uit onze woonkamers, naar de ziekenkamer gingen en ons bloed. „Onze kranken, die daar liggen, om ons wat te zegOnze kranken!
geleden
smart
o.
en
!
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's