Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 786
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Tertia).
96 ons gehouden
in
zingen
maar waarvoor
is,
een goed werk, en van
is
XXIV)
fessie (Art.
zegt
God gehouden
wij in
alle
goede werken
„dat wij daarvoor in
:
debiteuren zijn en ervoor
God
bij
het
in
krijt
zijn
;
God gehouden
ware
het
geldt, zooals
zijn", d.
i.
dat wij
staan; eene nieuwe genade
Daarom
dus geschonken, zoo wij bidden, danken en zingen mogen.
lof-
onze Con-
ïs
ons
zegt de
Catechismus dan ook (Zondag XLV) „dat God Zijne genade en den Heiligen Geest
men
Wie
met
hart en
zijn
bij
Gods
in
bezig te
met
zijn
God
zijnen
bij
huis
leeft,
neergezet,
heeft
is
eene verhooring van het gebed,
dankende stemming hebben mag. gevoelt, hoe alles in hem, wanneer
om met
toe trekt
er
en zinnen, en hoe
ziel
zuchten zonder ophouden
hartelijk
aanbiddende,
bidden die
zijn
bij
zich
hij
Hem
wil, die
bidden en daarvoor danken"; het
daarom als
geven
alleen dien
hij
noodig
heeft, dat
andere dingen
God
zelf
hem
de aanbidding bepale.
bij
Van een toebrengen aan God niet
wijst
door Zich
zelven
laten
te
God
sprake, en wij
Zichzelven
in
is,
heeft
ook
waar maken, dat de mensch
mensch willen
mogen ons de
eene gunst aan Zijn schepsel be-
aanbidden en danken. God, die Zijne eere
volkomen
en
heeft,
den
in
dus geen
is
anders voorstellen, dan dat
zaak
in
Zich-
hierin het beeld
Gods
van Zijne eere ver-
iets
staan zou, en in het uitspreken ervan zelf zaligheid zou genieten. Het
den
naar
van Rom.
regel
Il
hem weder vergolden worden alle
:
?
is
alles
35 „Wie heeft Hem eerst gegeven, en het zal Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn
dingen."
Daarmede
stuk
dit
is
gebracht, waaruit ons bleek, dat ook de
einde
ten
gekwalificeerd
om Gods- maar om der menschen wil en moet worden onder de middelen. God geniet in dien lof, niet
omdat
beter
eerbieding van het schepsel niet
er
Hij
is
van wordt, maar omdat Zijne schepselen
er het hoogste
geluk door bereiken.
Wanneer der
nu zoo
dat
is,
dat
heerlijkheid van Zijn besluit,
realisatie van
het besluit?
God eeuwige vermaking
heeft in den rijkdom
dan ontstaat de vraag
waartoe dan nog de
:
waarom moet nu daar nog
iets
aan toegevoegd
door de uitvoering? Die
quaestie
schen
deze
van groot aanbelang, omdat, indien men het verband tus-
is
de realisatie moeilijkheid
de Schepping en het besluit
in rijst
:
Indien
God van eeuwigheid
slechts eenige duizenden jaren, dan
en dan een
is
de
druppel
tijd,
in
is
er
tt/j;
zelf als
Kxrx/3;A7u,- >cÓT,a5v
waarin die Schepping bestaat, vergeleken de
eeuwigheid geweest
volkomen geworden.
zee. iets
Is
nu
die
realisatie
noodwendig
stelt,
bestaat en de schepping
eene eeuwigheid,
bij
den eeuwigheid,
noodzakelijk, dan
is
God van
dervend, en eerst door de Schepping het besluit
Gods
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's