Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 38
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Magistratu.
10
stand
bij
het
opkomen der Westersche
Christenheid, dat een civiel magistraat
gemeente optrad voor de verzorging der uitwendige belangen. Om dit duidelijk te maken vergeleek men dezen toestand met een mensch. Gelijk een mensch verzorging noodig heeft voor ziel en lichaam, zoo zag de gemeente haar geestelijk bestaan verzorgd door de kerk en haar lichamelijk bestaan door 't magistrale bestuur. Ziel en lichaam vormen samen één subde
in
ject
kerkelijice
de geestelijke verzorging praedomineert, de andere moet achterstaan. Met beeld voor oogen beschouwde men ook het subject van de gemeente als
;
dit
was van die gemeente, als kerkelijk optredend met verzorging van haar civiele belangen. Op grond van dat beeld stond ook uit den aard der zaak het kerkelijke op den voorgrond. Daaruit vloeide voort, dat de kerkgebouwen door de civiele autoriteit geleéén, onverschillig of er sprake
of (TUifjLXTtyMq optredend
Tot 1810
verd en onderhouden werden.
zijn
dan ook de kerken van Amsterdam
door den magistraat gebouwd. De magistraat bracht de gelden bijeen, de vroedschap benoemde de kerkmeesters, welke, alzoo door de stedelijke regeering aangesteld,
naam over de
haar
in
kerken, als eigendom der stad, het beheer
voerden. torens met hun klokken heeft Lodewijk Napoleon,
De
bij
van de
zijn afgifte
kerken aan den kerkeraad, aan de overheid gelaten. Het klokgelui toch diende tot allerlei oproepingen, bv. tot oproeping van de schutterij enz. en stond op
deze wijze torens
Uit die dwaling, dat kelijke
voor
men de gemeente civiel
dogmatische
de
in
den wortel opgevat heett
bestuur voor uitwendige belangen,
heid begon in te laten en dat
Dat
zijn
„Institutio
dit
zij
als keris
het
al
ontwikkeling van dezen locus voortgekomen.
Hieruit moest volgen, dat de overheid zich positief
in Art. 36.
thans nog zijn de
burgerlijke gemeenten.
gemeente, doch met
ongerief
Ook
betrekking met het magistrale bestuur.
in
eigendommen der
optrad tegen
ketterij,
de fons erroris was, merken
Theologiae Practicae", Deel
II,
met de prediking der waarkortom de verkeerde
we ook op
bij
lijn
Van Velzen
in
pag. 449, 1768.
Sant membrasocietatis Saecularis etsacrae Christianorum reformatorum eaedem personae, quorum sive societas saecularis, prae primis civilis, quae ex familiis nascitur,
unitis
sive
ad
illius
se
ad plures extendat, quam ad eiusdem religionis consortes,
communionem
etiam
alii,
quam
reformati, ut concives admit-
tantur. In
deze woorden worden magistraat en k^xk eaedem personae gtnotmé. Ver-
der wordt gezegd, dat de burgerlijke societas zich ook tot niet-cives kan uit-
strekken In
Staat
en
deze
ook
plaats
tot ligt
individualistisch
concives kan aannemen hen, die niet Gereformeerd
eene en
tegenstrijdigheid.
atomistisch
In
genomen
zijn.
den eersten regel wordt de als
uit
personae bestaande
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's