Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 741
college-dictaat van een der studenten
§
Begripsbepalingen.
9.
99
omdat het bewustzijn reeds ondersteld wordt, alvorens deze facultas intelliwerken. Vandaar dan ook, dat omstandigheden van deze facultas
gendi kan
onafhankelijk, ons bewustzijn kunnen verhelderen of benevelen.
Onze geest
4.
ons
beweging
heel in
Ons
dan
het
is
eerst
een
laat
om
het ge-
te zetten.
van ons wezen
zelfbesef
verwante wezens.
maar
op, is
ik
en
gelijke
den stoom, die
te vergelijken bij
op de cylinders en raderen van ons wezen werken
ik
5.
een beeld uitgedrukt,
in
is,
Het
ik
de mensch ontwaart, dat
later, als
onderscheidenheid van
zijn
in
niet alleen iets
hij
maar ook de tegenstelling tusschen
ander,
met het bewustzijn
treedt niet tegelijk
zich en
anders
het andere
al
(non ego, nicht-Ich) aandurft.
Onze persoon
6.
met andere
mensch
eerst sprake, als
Ons
7.
zelf
wezen genomen
ons
is
stelling
menschen, met hij
begint
wie
mee
zijn
samenhang en tegenVan persoon is bij den
te tellen.
de naam voor ons wezen,
is
in
wij leven.
gelijk
ons
zich dat voorwer-
ik
pelijk voorstelt.
Aanleg,
1.
II.
karakter
en
inborst
duiden
drie
alle
op de hoedanigheid
eigenaardigheid, waardoor onze persoon van andere personen onderschei-
en
den
Met dat
is.
verschil echter,
aanleg deze eigenaardigheid potentieel,
dat
kiem, naar
in
Gods verordinee-
ring neemt,
inborst
den
naar
deze eigenaardige en
karakter naar
wordt
ingedrukt.
grondslag
van
Stemming
wijst
gelijk blijvend,
de
als
die
ons
dringt ons zelven naar
vrucht dezer worsteling dusver verkregen resul-
Temperament
onze natuur en
op de
duidt
onzen
hetzij
actu
is,
dat
maar op
deel
ons
die
in
ons wezen
de
karakter
physieke aanbrengt.
hoewel zich
zelf
is.
het
wezen gebouwd is en wel zoo dat bestemming ziet op dit bestek roeping op
in
waaraan ons karakter,
modaliteit,
onderworpen
op de modaliteit, persoon
Onze bestemming en roeping duiden
potentia,
en
aard,
ontwikkelen,
te
waardoor het stempel van dien aanleg onuitwischbaar
taten,
2.
ingeschapen
ons
lijn
van
dit
beiden, niet op wat in ons hetzij
bestek,
in zijn
bestek,
waarnaar
het
huis
van ons
absoluutheid,
waaraan
wij zelf
hebben mee
te
bouwen. 3.
over
Onze staat en stand
God
Onze gewezen.
zien beide op de positie, die wij
innemen tegen-
en menschen.
status
onder de
menschen beduidt de
rechtspositie, die ons
is
aan-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's