Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 775
college-dictaat van een der studenten
Hoofddeel
V.
§
De Natura
4.
85
decreti.
Denken wij voor een oogenblik eens, dat het doel van den kosmos was mensch gelukkig te maken, dan zou God bij het vaststellen van Zijn besluit. Zijn doel, dus ook Zijn motief en criterium buiten Zichzelven hebben moeten zoeken, dan zou de kosmos de hoofdzaak geweest zijn, en God bestaan
den
om
kosmos in het leven te roepen en wel zóó in het leven te roepen, dat de mensch er van zeggen zou nu gevoel ik mij gelukkig, zóó is het goed. den
:
gedachten leiden tot dezelfde voorstelling als die welke de Gnostieken hadden gevormd van hun Demiurg, hun Wereldmaker. Een God, die de wereld maakt, zoo redeneerden zij, is niets dan een werkman, daarom hebben zij, om die gedachte aan een werkman te voorkomen en toch het doel der [Die
zich
dingen in de wereld te blijven stellen, dien Demiurg verzonnen. Daarom is die „wereldmaker" dan ook een lager staand wezen, dat boven zich allerlei andere, hoogere goden heeft, terwijl boven die allen zich de hoogste God verheft. In meer dan een der Gnostieke systemen komt die Demiurg er dan ook niet zonder reprehensio af, omdat hij de zaken verkeerd liet loopen, en de meer paganistische Gnostieken stelden het zóó voor, dat de God van Israël eigenlijk de Demiurg was, die verkeerd werkte, daarom moet hij worden op zijde gedrongen om te kunnen komen tot den hoogsten, den waren God. Men vraagt zich bij het bestudeeren van al die stelsels der Gnostieken in de kerkhistorie wel eens af: hoe kwam men toch aan al die verzinsels, maar wel beschouwd kan het eigenlijk niet bevreemden, dat zulke ideeën zich ontwikkelden, want zoodra men vraagt moest God de wereld niet zóó scheppen, dat zij beantwoordde aan het hoogste ideaal voor een kosmos, dan wordt God :
vanzelf de werkman, die een zeker patroon, een zeker gegeven krijgt en dien-
overeenkomstig moet werken. Wie zal dan beoordeelen of God dat alles goed deed? De kosmos zelf, en wel bepaald de mensch als de mond van dien kosmos. Er moet zijn een de Demiurg maakt dat kosmos, en in dien kosmos de gelukkige mensch alles, en boven dien Demiurg moet men dus feitelijk stellen een hoogeren, een almachtigen Demiurg, om God niet geheel te vernietigen.] :
;
Al
moeten
dus
omdat men een God, Ditzelfde in
zien
wij
nood verkeeren
kosmos
die
de
leiden
tot
voorstellingen,
die
mensch,
ligt,
;
wereld
beschouwen
Gnosticisme
of tot
geschapen
als
die in zijn dienst staat niet aanbidden kan.
ook ook
bij zij
menschen, die alleen bidden stellen
zich
een
een God, die alleen moet helpen
in
God
als
besten
kosmos,
religie
en
dat
God en
bij
leert
Zijn
besluit
niet
heeft
andere
ziek zijn of in
den
ellende.
gevraagd
met nadruk, dat die vraag
daarentegen geen
zij
voor, wiens doel
Dit alles snijdt de Gereformeerde belijdenis bij den wortel af
tegenover dat
om den
verloochening van God,
maatstaf
:
;
zij stelt
hoe schep
daar-
ik
leidt tot vernietiging
mag
gesteld
den der
worden voor
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's