Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 63
college-dictaat van een der studenten
§
De Cognitione
2.
Dei.
45
cognitio Dei ab infante recens nato, aut species inteliigibilesunacumintellectu sunt,
inditae
illi
habere
ut voluit Plato,
tabulae
instar
nam
neque
;
cum
seu
ratiocinandi
naturali
rasae
notiones
idem plane
iliae
sint
cum
vi
ipsa vi-intellectiva, consistit liaec facultas seu
seu aptitudo facultatum rationalium seu lumen naturale
vis
homines mentem
recte dixit Aristoteles
ut
in
quod
eo,
intel-
lectus veritatem principiorum potest sine ullo labore praeciso studio aut ratio-
comprehendere
cinatione
quadam
naturali
et
ponendis de
positis
necessitate
et
hunc
in
facto
veritatis
sic
comprehendit ex
sensum atque assensum
delatus est et inclinans."
mag beschouwd worden als nog ai eens geschiedt. Daartegen nu moet zoo sterk mogelijk protest worden aangeteekend. De cognito Dei insita heeft met instinct niets te maken. Wat toch is instinct ? Antwoord een absoluut gereede kennis. Wanneer Eene tweede vraag
20.
een instinct, iets v^at
in
is,
of dat semen religionis
catechisaties of preeken
:
eene
b.v. in
bij
vere afmetingen
En toch
zijn.
;
een korf de raat ineenzet, dan doet ze elk celletje
is
dit in
volkomen
zui-
een veelhoek, waarvan de zijden precies gelijk
heeft dat diertje nooit onderricht genoten in of nagedacht over
de structuur van zulk een veelhoek. Is
dus de cognitio Dei
met
juist
het
Dei insita toch
instinct,
Op
is
karakter
dan moet
zij
der aangeboren Godskennis
een proces, dus
altijd
ons eene volkomen
Maar dat De cognitio
geheel gereed.
alle loei
in
strijd.
wordende, weshalve ze met een
instinct
kan vergeleken worden.
zelfs niet
c.
een
uitgewerkte dogmatiek leveren, met
juiste, is
insita
welke wijze wordt nu
in
de Heilige schrift het gronddenkbeeld van deze
cognitio Dei insita uitgedrukt ?
we daartoe op wat de Schrift De gewaarwording, die de mensch
Letten
ny\\
zegt over de
D\-i^N
dnt
en de
in zichzelven heeft bij het zich
dnt
bewust
worden van de almachtige en alomtegenwoordige kracht Gods, is een gevoel van vreeze, van heilig ontzag. Het is de religie zelve, die in de Heilige Schrift altoos wordt uitgedrukt door dat „vreeze des Heeren" en zoo dikwijls het Oude ;
Testament spreekt van de bedoeld,
waarmee de
tS^tv
my,
wordt
altijd
ons
cognitio Dei insita eensluidend
is.
„religie",
godsdienst"
Doch daarover straks
breeder.
„Vreeze des Heeren" is in de Schrift een vaste term, en met „degenen, die den Heere vreezen," wordt eene bepaalde categorie van menschen aangeduid, Cf.
Ps. Ps.
118 118
:
4,
Ps.
begint
115
:
11,
Ps. 22
:
24
eet.
met een algemeene lofverheffing, waarna de dichter zich
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's