Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 911
college-dictaat van een der studenten
Hoofddeel
We
vinden het
§
De Grondbeschouwing der
3.
Efeze 4
in
beschreven
Christus
VI.
wordt.
:
H. S.
221
waar de toestand van een mensch buiten
18,
Hij heet daar ïa-KonTixiyoc
r?,
Men
Six-^six.
lette
op dat woord aankomt, maar ook op het ':vt£>; aTryjXXorpiw/xéysi t7,c ^wr,a rcü C-)e;D. Hier loopen dus twee parallellen, en elke daarvan bestaat uit twee deelen in elke gaat voorop het dianoötische, de cogitatio en volgt in het tweede deel de essentie. Tegenover elkaar staan dat
op,
er
het
alleen
niet
;
k(TKOTt<r/j,évoi
T^
dixvoix
en
en anderzijds
^ik t>,v y.yvotxv
:
y.7r/]XX3rp(Uifx.ivot Tf,4 X,w,<;
De en de xyy:tx hangen met het ontbreken van het gemeenschapsleven met God. Dat er vervreemding is, ontstaat door verharding des harten: alle xov-'^o-^u- geeft gemis aan samenhang tusschen het obiect en wat er omheen is (een vereelte vinger Toïj
0£5v en ^tk
a-y.srix
samen
dus
voelt de hitte niet).
bijv.
Romeinen
In
wijze
1
21 wordt diezelfde gedachte uitgesproken, maar op andere
:
„Omdat maar zijn
God kennende, Hem
zij
:
gedankt, standig
hart
achtige
kennis
zoo
verijdeld
geworden
God
als
niet
hebben
verheerlijkt of
hunne overleggingen en hun onver-
in
Dat „God kennen"
geworden".
verduisterd
is
en werken". en
xLtw.
t)\v TTOJ/Jwo-^y r/;<; KxpSixi;
de waar-
niet
is
der problemen en mysteriën, maar „wetende van Zijn bestaan
Niettegenstaande
kwam
zij
die kennis van
de duisternis over hun
hunne oogen verduisterd worden om
hart.
God hadden,
Rom.
In
niet te zien" cf.
11
:
zijn zij verijdeld,
10 lezen wij
Psalm 69
:
24,
waar
door David genoemd wordt de vloek dien God over den mensch brengt vloek
is
dan, dat hun hart nog steeds meer
Antithetisch av^pijiTTOQ oi
dezelfde
in
gedachte
die
Jezus
;
in
Cor.
/
weer hetzelfde
uitspreekt in Joh.
geboren wordt het koninkrijk Gods
3
:
3, dat
kan zien en die ook
niet
dit
die
;
de duisternis omgaat.
wordt die gedachte uitgedrukt
Sixerxt rx t:5 TrycCfiXTsc rcj Szs'j
„dat
:
2
:
14
:
i'-^y^iK:>:
als in Jesaia
wie ligt in
niet
40
Sè 15,
:
wederom
Math.
11
:
27,
Zoon dan de Vader, noch iemand kent den Vader dan de Zoon, en dien het de Zoon wil openbaren". In den mensch is geene macht, om in de kennisse Gods in te dringen. Met het oog op het verband, is er dus geen sprake van, dat ons subiect het obiect Gods kan opnemen Ten slotte nog dit
waar Christus
Alle poging
valsche
van
zegt
om
toch die
terug.
Christelijke
wereld
opgevat
dien
ons
„niemand
den
kent
problemen
tot
voorstelling eener lex aeterna.
dfjLxpfjLivri
bepaalde
:
in
wat
droegen.
oplossing
Men
krijgt
te
brengen, gaan
uit
van de
dan de paganistische idee
De goden waren onderworpen aan zeker fatum. In de men in plaats daarvan, van eene lex aeterna, dat er boven God en menschcn zekere wet stond, die
spreekt
zin,
heilig,
Bleek
lieflijk
zou
zijn
nu, dat
God
niet
goed, het
en waarvan wij dan de norma
in
beantwoordt aan die lex aeterna,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's