Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 601
college-dictaat van een der studenten
Hoofdstuk de
b.
tweede
plaatsen
De
III.
ment op den Christus
en
dat
dubio van
dat
nhp^ ^^y.^
'•"ii^rfpnh
Deze
40
in Jes.
plaats
Oude Testament ook
om
iets
blijkt
het
in
is,
dat
zij,
Nieuwe
die dit over-
zagen.
:
^P'
'^'Wl
overblijft
Oude Testament van God sprake
het
Oude Testament God
het
in
God
3
:
'i^?
T)"^.
"i?"'P?
^^P ^V
mogelijkheid van twijfel over; daar
geene
laat
167
en die in het Nieuwe Testa-
met den Christus, dan
is
brachten, in den Christus
we
tweede Persoon.
in het
God handelen
Blijkt het, dat in
Testament geïdentificeerd Zien
of er
De
deze categorie geene mogelijkheid
bij
subiect
het
B.
zijn toegepast.
Men gevoelt, dat er weg te exegetiseeren. is,
naspeurt,
die
categorie,
die sine
zijn,
drie Personen enz.
is
sprake van
den Heere onzen God, wiens weg moet worden gebaand.
Nieuwe Testament vinden we van deze plaats gebruik gemaakt in 3 : 3, daar worden de woorden van Jesaia letterlijk toegepast op Johannes den Dooper als voorlooper van den Christus. In Mark. 1 : 3 en Luk. 3 : 4 wordt datzelfde herhaald, terwijl 'm Joh. 1 : 23 deze woorden aan Johannes den Dooper zelf op de lippen gelegd worden, en dat wel na de uitdrukkelijke aankondiging, dat Johannes de Dooper de wegIn
't
Matth.
bereider van Christus was.
Wij dat
4 Evangeliën, waarin het eerste bedrijf van het groote drama
bezitten
voor ons
zij
hiermee begint, dat
ontrollen,
zij
eene uitspraak die
Oude Testament van God gezegd wordt, overbrengen op den introduceeren
Zij
Hem
zij
heeft
moet opgevat Mark.
In
't
ware den
Christus en zeggen aan de wereld hoe
dat doende, verklaren
en
zij
nu
alle vier
een-
met beroep op ééne uitspraak, dat de komst van Johannes den Dooper
parig
Tz-j
als
ontvangen,
te
het
in
Christus.
1
o(.'yyi)^ó'j
De
plaats
de vervulling van de profetie
als
3
:
zien wij
TT.c:
fjLO'j
geciteerd
is
nog een ander
7rp:(T'j)7rsii
rrc-j,
uit
citaat
uit
Jesaia 40
voorafgaan
:
3.
:
i^'^axco-ri/./.w
'1?;!/
etC.
Mal. 3
.•
/
en wel met eene zeer opmerkelijke
wijziging.
Wij lezen daar dus
uitgezonden
staat ':ó, zegt
\:i3^
:
"T;»"|-n:)3i
voor het
Markus
7r,c:
Joden
12
niet
:
37
— 41
geloofden
Jesaia's profetie
in
r\hiv >jjn
aangezicht 'tpot'^ttz-j
de applicatie van die uitspraak In Joh.
'DN^^
t
Gods, z v,
om
mijn en
aangezicht terwijl
duidelijk te
er
;
nu
die bij
bode
is
Maleachi
doen uitkomen, dat
den Christus plaats greep.
in
vinden wij gezegd, dat de Heere teekenen deed, en de ;
terwijl
Cap.
visioen van den Profeet.
6,
dat
waar
ongeloof
in
verband gebracht wordt met
wij eene beschrijving vinden van het roepings-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's