Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 684
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Christo (Pars Prima).
136
het van zelf, dat dit fout
wonderen
zijn
telen toezegt en
De vraag
is
om
is
de eenvoudige reden, dat ook door menschen
gedaan en dat Jezus
zelf dit
Hem
metterdaad na
zij
dus
doen van wonderen aan
boven het menschelijke
niet of iets
pond
maar daarom
optillen,
mensch
dien moeten wij den
is
nog
dit
Een kind kan geen
bovenmenschelijk.
niet
nemen, zooals
niet
apos-
uitgaat, zooals wij het
kennen, maar of het boven het menschelijk bestek uitgaat. 100
zijn
dan ook wonderen deden.
hij
Boven-
door de zonde verzwakt
is.
Gods liggen meer krachten voor den mensch besloten dan nu openbaar worden. Denk slechts aan Adam en ook op Adam kunnen wij niet afgaan, want ook hij was bestemd om nog hoogere krachten te verwerven. Daarom moeten wij niet alle wonderen verwerpen want er zijn enkele wonIn
bestek
het
;
;
deren die anders
van den storm.
het stillen
God
dan de overige, die
zijn
blaast den storm
schikken. dient er
;
eigenaardigs aan zich hebben,
iets
Dit valt niet binnen het bestek van een mensch,
het
is
element
zijn
;
bijv.
want
de mensch kan daarover niet be-
Niet alle pleit uit de wonderen moet dus op zij gezet maar wel op gewezen, dat geen wonderen moeten geciteerd voor Jezus' God-zijn, ;
waarvan
paralelle
voorbeelden
menschen gevonden worden
de
bij
bijv.
het
uitwerpen van duivelen.
Zoo moeten
wij
ook voorzichtig
geef de zonden" maar niet de betuiging
Christus zeide tot zijne Apostelen zij
met het beroep op de vergeving der
zijn
Dat overschrijdt de grenzen van het menschelijke niet; wel:
zonden.
hem gehouden
—
etc.
M.
„Uwe zonden
:
indien
:
zijn
U
iemand de zonden houdt, zoo
gij
w. de vergeving der zonden
a.
„//t
ver-
vergeven", want
valt buiten
zijn
het
bestek des menschen, de declaratie daarvan er binnen.
De vraag
of iets bij Jezus krachtens de Goddelijke of de menschelijke natuur
Wordt de vergeving der zonden
geschiedde, hangt af van de omstandigheden.
na
schuldbelijdenis,
krachtens
Zending uitgesproken, dan geschiedt het
zijn
krachtens de menschelijke natuur
:
maar doet Jezus
het suo jure, dan geschiedt
het krachtens de Goddelijke natuur.
Zagen
wij,
hoe de
is
natuur
begrip
toch
het
niet
uitdrukking
van den mensch op
uitdrukking
raadzaam
„worden" of
„Goddelijke
God
noodig
turae divinae af te wijken, mits
is
gezegd
;
;
eigl.
hoe
in
eene gebrekkige
de afleiding van
alleen het ihxt
van de gangbare uitdrukking
men wèl
komen wij aan het tweede deel. De identiteit van het subject God met mainteneercn.
God
terwijl bij
ligt,
natuur"
overgebracht
wete, hoe
dit
op
;
is
;
hoe het
particeps na-
te vatten zij
— thans
het subject Messias hebben wij thans te
Een zwakker uitdrukking kan
niet
gebezigd
;
zoo sterk moet het
anders loopen wij gevaar onder schoone termen de zaak zelf te verliezen.
Onze Middelaar essentiëele;
is
niet
adjectivum
Goddelijk, est ld
maar God
quod adjectum
;
maar het demi potest; daarom
niet het adjectieve,
est, et ld
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's