Dictaten dogmatiek. Locus de Salute, Ecclesia, Sacramentis - pagina 76
college-dictaat van een der studenten, niet in den handel
;;
LOCUS DE SALUTE.
54
Hab. 2 5 :
zijn
zelf bezien. In vs.
het prn
;
3 staat „want
't
gezicht zal nog tot een bestemden
het thetische oordeel Gods.
is
Altoos
zoo
dit
is
tijd
de profetie ver-
;
supremum judicium om het in de plaats te stellen van het oordeel, dat ons verdoemt. Nu was tijdens Habakuk het thetische oordeel alles is verloren de Chaldeën hebben het gewonnen maar vroeger was voorspeld gij zult het maar het duurde ten laatste winnen en de Chaldeën zullen het verliezen zoo lang en daarom geloofde Israël het niet meer. Nu zegt God: het komt toch, maar niet op den tijd, waarop gij het gaarne zoudt willen maar op den bestemden tijd, op het tijdstip, dat Ik bepaalde; niet vroeger, maar ook niet later. En toont het
:
:
;
;
;
meent
gij
dat
al,
het
Dat wil zeggen: het gaat
einde".
zoo
toeft, dit is
neen „het rent snuivend
niet,
langzaam, maar het
niet
een kan niet komen, als het andere er nog niet geweest rust
voor
niet
het
Het
einde bereikt heeft.
zijn
bepaald en op een goeden dag zal
dus
is
dit, altijd theïstisch,
En
het kan niet uitblijven.
Zie,
nu
niet
voor
zijn.
uw
In
nn
ligt
gevoel nog
het „chazon"
zoo maar eens ;
— het
neen
want
geloof;
maar dat is
komt
het
(Chaldeër)
zijn al;
gaan, dat
dan ook de vervulling, toeft,
dan moet
en zal leven
ziel
denkt
al,
dat
hij
't
door Mij verworpen, dat
is
gewonnen
zal
heeft en
er
leugen blijken
(pxn
is
het nu ook zoo.
een
onder
prn,
dat
alle ellende
Gods Gods zij,
vast zijn van
En
zijde). zij leeft
hieruit
te zijn
en verkeerd hij,
rechtvaardig
zullen
door spoedt het naar
gen; en indien die bevinding nu
nog
zijn
en
dood
nu wordt afgeleid,
:
het gaat mis.
Toch
is
dat komt, zegt de Heere
zijne vervulling; er is
toeft, blijft
die in
— Voor onzen toestand
toch.
Wij onheiligen dwalen en denken
wij
—
beroemt zich
voor hem wel these, maar voor Mij slechts hypothese. Doch
hoe hypothetisch ook de belofte
er
gij
daar kan niets aan veranderd worden.
eens,
subjectieve vastigheid verkeert, die hypothetisch vastblijft, die ontkomt zijn
is
is
Denkt men over God
aan vasthouden, dat het komt en dat vasthouden moet geschieden door
toch het
nooit deïstisch als het
een proces, het
maar
(God) het eens uitvoeren
Ik
een snuivende wind, die jaagt en drijft naar de vervulling.
dan moet
is
is,
tot zijn
volharding der
heili-
toch vasthouden, want gewisselijk
:
dat beeld van den rechtvaardige komt en of de opgeblazene daar nu als overwin-
weg door uw geloof kunt gij er komen. De Jusüficaüo zelve. Zij hangt af van de betrekking, waarin God staat tot Zijne wet. 1^ Wat is die wet Gods? (hierin ligt tevens: wat is Gods recht). Om dit te beantwoorden gaan wij eerst naar het paradijs terug. Wat is aan Adam gegeven ? De wet. Natuurlijk niet de 10 geboden. God geeft aan Adam het proefgebod. Het eenige, waarin Adam zondigen kon, was in zijne rechtstreeksche naar staat met ongerechtigheid, dat gaat
relatie
tot
God.
En waarin moest
die relatie blijken?
In
eene zaak, waarin
souvereiniteit eerbiedigde (formeel)
maar
voor hem zeer gemakkelijk was, want tegenover den eenen
boom
eenerzijds uitkwam, die anderzijds
;
dat
Adam Gods
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's