Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 258
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE PECCATO.
8
ten 2de hebben wij te doen met de stelling der Monicheën, die leeren, dat de
kwaad
duivelen in zich zelf
en zondige
ruwe Pantheïsme, dat zegt de zonde wordt langZoo krijgt men 't Antinomianisme iets n.1. de deugd. 't
zijn
was
goed.
of
is
't
de Schrift
stelt
Nu kan
—
Wat dus
de substantie aangaat
de duivelen
zijn
Loei Classici.
Loei classici voor den val der engelen zijn: Joh. 8
Judas
het gebruik ervan
al is
nu de qualitates van de duivelen afnemen,
(onder entitas verstaan wij de substantia zonder qualitates).
De
De
44;
:
Deze
:
44.
plaats
moeten wij beschouwen
genoemd
verband met
in
öjuw,
w.
wordt de duivel
in
hun zondigen toestand, evenals God de Vader der wedergeborenen
deze verzen nu
ligt
7rxT>,p
:
d.
z.
nalisten
hebben
toe.
't
Laat
ons thans
vertaald
wordt
De stam
goed.
In
zelfs a
Marck
De
latere
geeft dit aan de Ratio-
zich vooral op avSrpcjiTrsKTÓvoc
gelijk blijken zal.
nader
de
onzen
in
crrx-
gelijk gewoonlijk,
woorden
bezien.
door
Bijbel
vers 44 staat
In
gebleven"
„staande
beteekent „gaan staan" en
'éa-r-riy.e
met praesentiaal beteekenis
:
„hij
dus
hij
:
nu
dit
;
is
niet
is
gaan staan
maar nooit
staat"
wat
'éa-Tr,K£,
:
„hij
staande gebleven."
Doch de stam dus vertalen
den
leugen.
gevallen, zijns
—
„zijn stand
:
zijn positie
xtt'
nog
niet
;
en
bij
Dit
genomen
xpy7,c
is
;
is
niet in
dit te
'o-tt'
het
wat
av9-/?w?ro)crói/ö^
to'j
r,u
verstaan
Jïx/JóAj:;
moeten
wij hier
de waarheid maar
Beide kan niet; want
xp-^rc
kan men
éor/jv.c
in
den
in bij
den zondeval des menschen was
alleen beteekenen
De woorden
nemen" en
genomen".
positie
af het paradijsverhaal?
Kan dus
bestaans.
heeft
—
duivel er 't
„hij
De Satan heeft zijn Wat beteekent nu
van riyN"i3 of van
was de
ook
a-rx- beteekent
als:
noodig hebben. in
beweerd en
eerst
Voor deze meening beroept men
maar ten onrechte,
is.
de geheele diepte der zonde en haar oorsprong opgesloten.
Slaat dit nu op de Paradijs-geschiedenis of op den val der engelen?
theologen
Vers
42 en 41.
vs. 43,
de vader der menschen
41
is
2:4;
Petri
II
V. 6.
Joh. 8
of,
z.
vinden dan slechts datgene, wat strekken kan
niets
van God.
verheerlijking
goed
wezen
het
in
w.
d.
;
Gods schepping
er niets in
het wezen zeer wel goed zijn,
Kon men
diep zondig en verkeerd.
dan zou men
dat de duivelen gevallen engelen zijn
:
„quod ad entitatem" goed, omdat
de duivelen
3.
:
Legitimisme.
't
Daartegenover
tot
kwaad geschapen in hun natuur. Dus óf God is God de auctor mali, of 't slechte en dat maakt den duivel tot God tegenover
geschapen en dan
een eeuwig beginsel
is
Zoo hebben wij zamerhand een hooger God. en
of
zijn
heeft de duivelen als duivelen
— van
't
hij
af
't
zin
eerste
reeds
begin
denzelfden zin
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's