Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 549
college-dictaat van een der studenten
§
De
3.
reproduceeren kan, bewaard
en
73
mortuis ante parousiam.
Wanneer
blijve.
door vuur kon verbrand
dit
en vernietigd worden, dan zou de lijkverbranding teweegbrengen, dat er geen wederopstanding des vleesches kon plaats hebben. Alle crematie zou dan een-
voudig de wederopstanding hebben tenietgedaan. Toch verzette de
christelijke
kerk zich hierom nooit tegen deze methode, gedreven door het geloof, dat ook hare martelaren, die door vuur waren omgekomen, eens weder zouden opstaan.
van een plant vernietigbaar
organisme
Immers,
terwijl
schelijk
organisme door geen macht
het
ter wereld,
is,
kan het men-
door geen enkele elementaire
kracht worden vernietigd.
Het organisme van het menschelijk lichaam Hieruit
volgt,
dat
is
onvernietigbaar.
deze geconcentreerde kiem van het menschelijk lichaam
ook voor ons onvindbaar is dat ze niet, gelijk de kókkoq waarneembaar is, maar aan onze waarneming ontsnappen moet. Dit resultaat nu is allerminst in strijd met de gegevens der natuurkundige ;
wetenschappen, die toch de ondeelbaarheid der lichamen
Immers de deelbaarheid der lichamen ophoudt (een druppeltje muskus drie
vooral als
in
dagen weer en
een kamer
;
we bemerken
als
feitelijk leeren.
we komen op
zoo onmetelijk en oneindig, dat
van ons reukorgaan,
wegen en na
is,
we
alle
het gebied
waarneembaarheid
dien druppel vandaag
dan, dat er toch
mogelijke nauwkeurigheid niet kan geconstateerd, dat er iets
is
de grootst
bij
afgegaan, ter-
—
dan hebben we een sprekamer met geur ervan is vervuld der deelbaarheid). Wanneer men dus bij de onmeetbare kend bewijs van het die heele
wijl
van een
ontleding
lijk
niets
kan aantoonen van zulk een kiem van het orga-
nisme, dan bewijst dit daarom nog niets tegen het bestaan ervan.
wat
Al
er
derhalve met iemands
lijk
gebeurt, schaadt de christelijke belij-
denis van de wederopstanding der dooden ten eenenmale niets. Het
de leer der Schrift te dezen opzichte volkomen onverschillig.
moet vastgehouden lichaam
:
dat
de organische kracht, waardoor
opgebouwd en waardoor
is
het
geheel
in
is
volgens
Eén ding het
zijn leven, zijn
embryo
het
wezen,
zijn
bestaan ophield naar buiten, dat diezelfde organisch-scheppende kracht
dood
niet
kan vernietigd
slechts
in
den
zijn.
Dit organisme van het lichaam evenwel kan, hoe
omdat het
ook geconcentreerd, nooit
Hoe
stofloos zijn,
hoe ondeelbaar het ook
deelbaarheid
der stof ook wordt voortgezet, hoe klein in zichzelf de concen-
tratie
ten,
o-ti^aa
is.
van dat somatische ook wezen moge, het somatische mag
maar moet
een
„ubi"
baar
zijn.
Uit
is,
die
altijd
behouden
moet hebben.
Van
blijven. alle
ver dus de
niet losgela-
Hieruit volgt, dat dit organisme altijd
gestorvenen moet dus dat „ubi" aanwijs-
gansch onwaarneembare, doch niettemin aanwezige en somatische
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's