Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 374

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 374

college-dictaat van een der studenten

3 minuten leestijd

Locus DE Deo (Pars Prima).

356

Wat

is

dat

Vragen

God goed

zeggen, dat

te

wat het

is ?

gewone leven

beteekent, dat iets goed is. goed paard, geweer, huis enz. ? Het eenvoudigste en beste antwoord op deze vraag is Een paard, geweer, huis enz., dat deugt.

Wat

wij eerst,

in

het

een

is

:

[Metterdaad hangt ons „deugen"

in

den wortel met het begrip van de

T\y\\D

Het woord „ondeugend" is in onze dagen in beteekenis verschoven. Een deugend kind kennen wij niet meer. Maar vroeger wel. En dan was een ondeugend paard of een ondeugend huis een paard, dat niet meer werken kon, een huis, dat was uitgewoond. Tegenwoordig hebben wij alleen het werkwoord „deugen" nog over, in den zin van beantwoorden aan de eischen, die men stellen kan en mag; zijn zooals het wezen moet. Een huis behoeft bijv. geen balkon te hebben, maar wel moet het sterk zijn, niet lekken enz. Evenzoo een paard, een geweer enz. moet, om een goed paard, geweer enz. te zijn, deugen, dat is, het mag geen gebreken hebben, waardoor het als paard, geweer etc. min bruikbaar wordt. Goed is ons iets, ésii beantwoordt aan de eischen, die men stellen mag, en dientengevolge eene normale werking heeft]. onmiddellijk

samen.

:

:

Zoo nu drukt de goedheid Gods dit gebrekkig God, maar een God, waar

niets

beantwoordt aan de eischen, welke

de idee Gods voortvloeien.

Hier nu in

uit

dat Hij een goed

God

aan ontbreekt, die

in

niet

is,

een

elk opzicht

deze moeilijkheid. Wij zoeken de eischen voor een goed paard

rijst

de schepping op en passen dan de idee van een „goed paard" op het be-

staande

ware

paard

we

kregen

toe.

meten en goed

af te

niet.

Wij zagen

onze eigen

Maar zouden

eenzelfde iets als

geeft de idee van

is

uit,

in

God van

te

wij aldus een „idee

de lex aeterna,

iets

:

Zichzelven

uit.

Is

dat dan geen tautologie ? Volstrekt

het begin van dezen locus, dat er een sensus divinitatis in

ziel leeft, dat

het uitspreken

van God" stellen, dan boven God, waarnaar God dan keuren. Daarom moeten wij dit zeggen God zelf

bij

eene Godsidee ons

van het llD

bij

is

ingeprent, aangeboren.

God, het roemen

in

de

'y.yx^'s>T->j-ri

En nu

tc'j

Sns'j,

de verklaring, dat de God, die ons in de Schrift Zichzelven openbaart, volkomen dezelfde In

mee 10.

als de

is

God, die

zijn

Abbild

in

onze

ziel heeft afgedrukt.

deze belijdenis van de bonitas Dei nu schuilt

drieërlei.

Wij spreken

er

uit

God is het S u m m u m B o n u m dat God isdeFons omnium bonorum;en dat God is de Vindex boni. God is het Summum B o n u m. dat

;

2o.

30. 10.

Wij lezen

in

veroorzakende

goede;

Hij

„Leer mij

Psalm 119:68: nppl nnx-3lD, dat (want

is: Gij

zijt

goed en het goed

is de kracht van de hiphil God werkt ook het omnium bonorum). En daaruit wordt afgeleid de bede: uwe inzettingen." Ook de kennis van het goede komt van God. De is

de Fons

dat

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 374

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's