Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 364
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE Magistratu.
336 zijne
editie
De
opinies
indeeling,
een
in
van 38 stellingen
reeks
Junius aangeeft,
die
is
bij
elkander te voegen.
metterdaad de eenige ware,
De
ook niet op elk punt zuiver ontwikkeld. te
die
dit
zeer
is
Iemand
bevelen en voor de juristen aan onze Universiteit onmisbaar.
aan
het
al is
kennis van het stuk zelf
stuk niet heeft ingewerkt, kan niet met vrucht van de Gereformeerde
beginselen
de rechten studeeren.
uit in
Aan
stuk
dit
metterdaad juiste
plichten van de Overheid
der kerk en ook daarin
algemeen
een
wijze
ook
toegevoegd een
is
Daarin heeft
aan de Staten-Generaal der Vereenigde Nederlanden.
brief
op een
hij
overzicht gegeven van de rechten en
de onderhouding van de rechten en plichten
in
komen enkele zinsneden voor, hem te
die zoo
schoon en
juist
was
als
Franschman één der helderste en meest logische koppen op dit punt. heeft zich op dit punt veel precieser uitgedrukt dan Calvijn gedaan heeft.
Hij
uitgesproken, dat het zeer de moeite loont
zijn
Voordat
VIII.
we
hierop verder ingaan, zullen
we
lezen.
eerst de
Junius
beteekenis,
die het Byzantijnsche keizerrijk gehad heeft voor de ontwikkeling van den Locus de Magistratu bezien. De
dusgenaamde
plooi, die het
van
telijk
Christelijke staatsrecht kreeg, heeft het fei-
We
ontvangen.
Constantijn
naderhand
zullen
verhouding tusschen kerk en staat zoo spoedig
ze
ook deze dwaling moet
en
leid
is
ontsproten
in het
zien,
hoe ook de
verkeerde spoor
is
de machtige innovatie, die keizer Constantijn door
uit
ge-
dezelfde oorzaak verklaard worden, want
uit
zijn
invloed in de rechtsverhoudingen bracht.
Om hij
de zaak goed
toestanden.
lige
eerst
kunnen wij
inzien,
in
de toenma-
wie Constantijn was en wat
deed.
Het Romeinsche en
moeten we ons terugdenken
te begrijpen,
Zoo
nu lag Rome
overwicht
en de
het Occidens lag.
rijk
in
was van
het
feitelijke
lieverlede uitgedijd tot Occidens en Oriens,
Occidens,
macht van het
Daardoor was
in
eigenlijk
terwijl rijk
veel
de rijkdom, weelde, het
meer
in
het Oriens dan in
den boezem van het Romeinsche
rijk
een
woord gekomen. In het Westen was er onder de leiding van Grieken en Romeinen een staatsieven ontwikkeld, dat van den boezem van het volk uit organisch was opgekomen en daarom ook te Rome een republikeinsch karakter droeg, terwijl omgekeerd dualisme van den Oosterschen en Westerschen geest aan
in
't
het Oosten de despotieën van de groote, machtige wereldrijken Egypte, Nineve
Babyion, Perzië en ook daar
die,
welke
later
onder Alexander den Groote bestond,
aan een absoluut monarchisch denkbeeld ingang hadden gegeven en de
Nu
waar
het
Oostelijk deel van het rijk feitelijk zulk een overwicht in de schaal wierp,
ook
absolute
monarchie
hadden gegrondvest.
spreekt vanzelf, dat,
de denkwijze van het Oosten meer en meer op den voorgrond trad en doordrong.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's