Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 906
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Tertia.)
216
gewandeld stel, want
2
In
de paden der zonde. Buiten
in
v'xm tt^vtx tx
Hij
2
Thess.
:
9—12 wordt gesproken
ontwikkeling zal dan met
den eene buitengemeen
^ï>vx[xiic^
sterke,
God om
was
? Neen, het
Tropviirr^xi rxlc cS:(<;
ïS-vyj
Zijn be-
yLrwj
van de eindcatastrophe. De Satanische
rrr.ixv.x
God zal zen-
en ri/jzra uitbreken en
dolende kracht, zoodat ten slotte de menschen
voor die Satanische macht zullen buigen.
Ada
2
:
23
spreekt ons niet alleen van het sterven van Christus, maar van
ook daar wordt gezegd, dat
Zijne kruisiging, en
komen in het
Six yj.ipw
alles is
4
staat het in Cap.
zoo geschied, hipta-ixirr,
's
kxI
Pilatus ccrx.
met de
'^ecp
y)
kxc
crco
PovXq
(tcu
Tcpo^jipicri
zegd van de centrale zonde; wij zien dus dat
den Raad
en
geweest van
Ondenkbaar
bestel.
is
landvoogd, ware
den
rzü öc;-:.
scherper bewoordingen
in
Heilands lijden en sterven niet de toevallige
heidenen en de volken van r,
zou over-
de profetieën
ttpoyv'^a-K.
was van een booze wilsdaad der menschen, maar
Pontius
Hem
niet slechts naar
fis-jXr,
27, 28. Beslister en
:
niet uitgesproken, dat
het
vrucht
7ror?,(Txi
Dat
algemeen, maar bepaaldelijk r^
Evenzoo kan
'c/yofzuiv.
die kruisdood
Israël
yevécrB-xe.
gehandeld hebben
Dat wordt nu
zonde
alle
dat Herodes en
is
het, dat Jezus' kruis afhankelijk dit
hier ge-
naar Zijn bepaal-
zou
zijn
zoo, dan zou immers de mogelijkheid
hebben bestaan dat de grond onzer zaligheid ons onder de voeten werd wegHier hebben wij dus te doen met de zaak waarvan alles afhangt;
geschoven.
weg, zoo men
alles valt
wijzen
Voorts
opstanding
Zijne
we
er
xaS-£'v Tcv \pciTTcy,
op
ook
dit y.xl
éen oogenblik onzeker
dit
in dit
tot
Z'.m'A^itv
stelt.
verband, dat Christus
de Emmaüsgangers zegt dg
Ty,v S6i^y.v xLrolt
in
24
Luk.
:
26 na
in het si/,' ^-^^^"^ ^^£'
;
worden gezegd van iets dat afhangt van de fortuite wilsuiting des menschen. Evenzoo zegt Jezus in vs 44 In Si'. 7r?:r,p'^)B-?,yxc tt^vtx tx yeypx/xNooit kan
3'er
:
fihx
in
;
dit
éene hoofdstuk herinnert Hij er dus tot 2malen toe aan, dat het
zoo moest geschieden naar de voorkennis Gods,
alles
Verder moet erop gewezen, dat Luk. 8
:
den geciteerd rende, hoort,
dus nooit
:
tot
40; Acta 28
6 malen toe,
in
Matthh. 13: 4
26 en Rom. 11 S in worden van Jesaia 6:9: „Ga henen en zeg
10; Joh. 12
:
maar verstaat
niet,
:
:
en ziende
die harde gedachte van
God
niet,
maar merkt
;
Mark. 4 12; :
woor-
het N. T. de tot dit volk
die ons het O. T. geeft,
:
Hoo-
Men
zegge
wordt
in het
niet."
N. T. niet gevonden, neen integendeel, deze woorden geeft ons het N. T. als
grond van bewijs voor hetgeen er voorviel niet te
Zie het
bijv.
den
stelde,
in
den loop der
historie.
Er
is
dus
denken aan eene tegenstelling tusschen O. en N. T.
Markus 4
Discipelen
den anderen
10—12. Daar spreekt de Heere Jezus zelf het uit, dat : was gegeven te verstaan wat Hij in gelijkenissen voor-
niet,
alweer „opdat
zij
ziende zien, en niet bemerken, en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's