Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 307
college-dictaat van een der studenten
§ dus
adjectief,
Zoo
hier Zichzelven toe
van Zichzelven 40
Jes. ^'^.'^
Weet
:
^^ P^"?
^V''.
^P'!
de eeuwige
toeroept
Vivat
:
o koning, leef
:
vive
!
289
Dei.
!
God
in
eeuwigheid.
spreekt dus het eeuwige
uit.
28
:
men een koning
gelijk
God
roept
De viRTUTiBUS
7.
God
is,
het
gij
^""^P
^y^
maar
niet ?
Hebt
gij
het niet gehoord, dat
God
Hier wordt van
^P^.
God
de
Hij heet
vi^N
ü^'iv
niet gezegd, dat Hij
der eeuwigheid.
Men kan
het wel
maar de beteekenis is toch anders. Later zal deze constructie van gewicht is, omdat zij wil te kennen geven, ons blijken, dat dat God de eeuwigheid in Zichzelf bezit. Bij ons wordt de eeuwigheid van buiten vertalen door „de eeuwige God",
af toegebracht, en
dus zou
nb'iv
'•i^'^N
onzin wezen, maar de eeuwigheid
is
de
exsistentiewijze van God.
57
Jes.
de
is
iv pir
iQiy^ un'-ipi
:
eeuwigheid
eene
staat hier
ook
aanzijn
geen perk gesteld.
is
ny,
tegenwoordigheid
Maar
N»'J1
DT ION
alle
tent
God woont
enz.
riD ^D
Eene tegenover gestelde gedachte dus
eeuwige. Hier
15
:
rondom God, waarjn
Hier vloeien
Zelfs
is
bij
tijd
het
als in D^ty "Ti^N ligt opgesloten.
Hij
Daarom
woont.
met de gedachte van het zich ver uitstrekken.
ineen.
in
Aan Gods
en plaats, eeuwigheid en alom-
het pti^ allereerst aan plaats te denken.
De
oude vertalingen hebben toch „eeuwig".
traditie heeft het
dus
constant temporeel opgevat.
Wij gaan nu
de tweede plaats het gebruik van xtw
in
....
in
de Schrift na.
k.t.?.. Deze uitNieuwe Testament. Dat komt, omdat dit een der virtutes is, die op Gods wezen zien, maar ons niet met God in rapport stellen, iets waar het in het Nieuwe Testament doorgaans op aankomt, naar het karakter der nieuwe bedeeling, gelijk dan ook namen
Rom.
In
als
7rxTr,p
als
ik
ze
genoemd. zijn
26 lezen wij
:
komt overigens
drukking
met
16
Hier
is
in
dan
engeren cf.
De
voorkomen.
mag noemen, worden
zoo
volk
kxt' zT(Txy}yTc~j
7j/j)y!:-j 3-is~^
slechts zelden voor in het
enz. veel veelvuldiger
menschelijk geslacht, 1
:
in
het
„virtutes naturales in
Nieuwe Testament
niet
Deo",
zooveel
trouwens ook geen sprake van een rapport van God zin,
maar van
het Try.vrx rx
Tim. 1:17 biedt dezelfde gedachte
:
beschikking tegenover het gansche
zijn
ï'5-v/j
van ditzelfde
t''j^S£
Px<ri?MT'^y
vers.
xlójv^^v, x(pB-xpT'.>.xcpxT',)
Deze omschrijving geeft ook de virtus aeternitatis Dei te kennen, maar meer in den zin van Jes. 40, dat de eeuwen de zijne zijn, dat Hij ze beheerscht, dat ze van Hem uitgaan. Daarom staat xiwe,; ook in het
fióvtó
3-£'i,
K.T.A.
TcjLcr,
meervoud. In K.T.?,.
1
Tim. 6 Vooral
:
16 wordt het weer anders omschreven:
in dergelijke
plechtige doxologieën
is
b /u.6ysi; ïyjjiv
aB-xvxmxv
het eene vaste gewoonte,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's