Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 320
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Sacra Scriptura (Pars Secunda).
146
men ook dergelijke uitspraken, hebben deze geen bewijskracht, waarom dan in de Schrift wel. Daarom moet er uitgesproken worden Wat in de Heilige Schrift staat over Koran vindt
:
den
Bijbel of
wat
den
Heiligen
een
boek nooit
van zich zijn
een ander geschrift staat over den Bijbel, kan ons niets
in
Al stond er boven elk boek in den Bijbel
helpen.
dan
Geest,
zeggen
:
nog
dit
omtrent zich
iets
zelf willen
zou
bewijzen kan
zelf
had
ik
inspiratie
geloof ik u ? Daar komt alles op aan.
:
petitio principii
om
;
te
komen
tot
dit
:
—
geïnspireerd is?
de
Is
alle
;
is
ingegeven door
Omdat
niet?
auteurs zouden wel
maar de vraag zou dan
Die vroegere argumentatie
juist
is
een
de conclusie, neemt men de conclusie aan.
Neem ik aan, wat de Heilige Schrift omtrent zich op wat grond doe ik dit ? Omdat het in de Heilige Schrift
boek
Waarom
niets bewijzen.
Schrift
zelf
zelf zegt,
dan vraag
geloofwaardig, dan
dogma
het
is
ik
omdat de
Schrift staat of
der inspiratie overbodig. Stel, dat in de Assyrische of Babylonische litteratuur het getuigenis over de Heilige Schrift gevonden werd, dat het een goddelijk boek is en stel nu, dat te bewijzen was, dat dit getuigenis echt was, dan zou mijn bewijs nooit verder ;
kunnen gaan, dan dat die man den indruk had gehad geschreven maar de vraag of die indruk juist was,
:
—
Het beroep op
Petri
II
1
gezet
II
Petri
1
:
II
op
Tim. 3
verband tusschen
het
inspiratie bewijst dit niet.
zij
te
lukt.
door God
16 moet dus gedeeltelijk
:
worden
ypó.(pm en AaAe^v
Anders
is
(cf.
het met
II
de graphische inspiratie; want wat ook beproefd
om
is
gezet. Voor altoos op zij want daar is geen sprake van de graphische inspiratie maar iAaAyjcrav) maar van de AzA^a roü %zoü. Wel is dit tijd
een getuigenis voor het enthousiasme der profeten, als er
boek
20, 21,
staat niet ïypx]ixv
(er
en
20, 21
:
voor altoos en gedeeltelijk voor een
dit
bleef onopgelost.
zij
spraken
;
wel bestaat
vers 20),
maar de graphische
Tim. 3
;
16; dit doelt wel op
a.
door Van Oosterzee
is
o.
bewijzen, dat SriÓTrwja-rog niet zag op een letterlijke inspiratie,
Bestond de
'ypx(pri
alleen uit
is
mis-
Psalmen en Brieven, dan kon men onder „inspi-
nog verstaan „onder drijving des Geestes geschreven", maar niet nu ook Ezra, Esther enz. tot die ^rao-a ypx^pii behooren, want daar is niets van een drijving des Geestes te merken het is eenvoudig een „kronikartig" verhaal. ^lOTTvtua-Toc moet dus op yp^-fn op het ypa^uv zien. Toch heeft II Tim. 3 16 rata"
;
:
geen bewijskracht a
priori
om
de zoo even genoemde reden, wel a posteriori,
zooals wij later zullen zien, in den zin der drie II.
De
Deze manier van bewijzen bestaat Heilige
en
genoemde momenten.
apologetische manier van bewijzen.
Schrift,
dan de
tegenover
inspiratie
der
daarin, dat
men
als
advocaten van de
de tegenstanders met hun aanklachten gaat staan Schrift tracht te bewijzen
door die aanklagers een
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's