Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 263
college-dictaat van een der studenten
§
6
van niy
^n,
Abraham
Hij tot
over
3,
:
waar
1,
:
245
Dei.
Als zoodanig nu vinden wij, dat de Heere Ziciizelven aanduidt In Gen.
feert.
17
De nominibus
6.
zegt: nt^ ^K-^JN
—
wellce laatste plaats
maar den naam
Gen. 35
in
ll.Exod.
:
ben hun verschenen onder den naam
„Ik
kenden
mn"»
evenzoo
;
zij
— wij vroeger reeds spraken.
niet"
Dat deze naam ook reeds zeer vroeg is gebezigd door de menschen ten opzichte van den Heere, en
ïjnx "^nT,
uit
Gen. 48
uit
Die naam
ons
blijkt
^x
nii^
staat
met zulk een God
toch
Gen. 28 3,
:
:
3,
waar Izaak
waar Jakob spreekt
ook
najaagt, al schijnt het
omdat
wegdraagt,
het
Jakob zegt
Jozef
tot
:
nii^ ^ni
^^N"nN-iJ n»' ^n
:
rechtstreeks met het geloof in verband. Heeft te
doen, staat
men met
onder
tijdelijk
zaak
de raad
niet
is
men
nt^ ^n in verbondsgenade,
weet het geloof, dat de zaak, waarvoor men
dan
tot
het doel, dat
strijdt,
te liggen, ten slotte
maar van
\~i^N,
men
toch de zegepraal
maar van
^N,
""^tö^
volvoert. Immers, hierin juist bestaat het geloof,
die
ten
dat
het juist op zulk een oogenblik, als de zaak des Heeren schijnt onder te
slotte
den
liggen,
triumf
triunif
kan
niet
zijn
al
grijpt,
niet
maar met hope, maar met zekerheid, dat de
ook opmerkelijk, dat de apostelen het Godsrijk
God
en alleen, omdat
uitblijven, eenig
waar
juist daar,
hebben willen teekenen, op Gen. 17
bijv. is,
in
Rom. 4
opdat
zijn,
:
in
Sara sinds lang
17—21, waar Paulus op dat
God zou openbaar worden
roept alsof
zij
waren.
ware de vertaling van nc^
alles wijst
als die
^x.
En dat
geldt,
op de
volle als de nis^ ^x
waar
Hij
in
opstanding van
Christus,
waar de apostel
ligt
lag.
1,
getreden
is in
de opstanding van Christus, toen
Sova/xeoit;
airoi gebezigd heeft, KXTx
iydpxq xLrhv
Want
tot
viKpCiv.
begrip van macht, dat zelfs den eeuwigen
nK'
God is
in
geschied niet
vers 23
deze openbaring slaat
God
zich
immers ten
de overwinning
Nog
Tr,v ivipytixv ro'j 'ik
dit
daarbij als het
sterker
wordt
zegt, dat het volle, het absolute nir
drukt in Efez.
kvf^pyrjKev ïv ra> XpicrrCj
en zegt, dat
tcoit^o-xl
waarbij
betoond heeft door Christus
den eeuwigen dood verzonken
Ziet het
'''W ^x.
zoo gaat de apostel
en 24 voort, niet alleen Abraham, maar ook ons. rechtstreeks
is
God, die de dingen, welke
In het J-jvxróc ïa-rty kxI
dan
Abraham oud was gewor-
want God
verstierf,
is
zijn
1
geboorte van Izaak wordt beloofd, niettegenstaande
den en de moeder
Het
ni^ ^x.
den grooten triumf van teruggegaan, waar de
zij
:
is
te leiden, dit uitge-
aan het
licht
ri uTcipfi^Xkov fiiyt^sq Tf,c
^pkrouq
dus dat
dood overwint.
Tr,q iiryóoq ackroD,
alles
yjv
teboven gaande
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's